Archive for januari, 2014

Wat is hennepzaad?

donderdag, januari 30, 2014 @ 03:01 PM

HennepzaadHennep is één van de oudst bekende medicinale planten ter wereld. Het gebruik ervan gaat vermoedelijk terug tot in het stenen tijdperk! Bewijsstukken hiervan zijn geleverd in de vorm van afdrukken die gevonden zijn in aardewerken van zo’n 7.000 jaar oud. Ook zijn er aanwijzingen gevonden waaruit blijkt dat de handel in en het gebruik van hennepzaad al minstens 10.000 jaar wereldwijd beoefend wordt. Deze krachtige medicinale plant komt, voor zover bekend, oorspronkelijk uit Centraal-Azië en geniet dan ook wereldwijde bekendheid omdat ze een helend en geneeskrachtig effect heeft op ongeveer 200 verschillende soorten lichamelijke ziekten en hun verschijnselen. Het gebruik van Hennep is wereldwijd in allerlei culturen teruggevonden, variërend van de oude Indiërs, Mesopotamiërs, Sumeriërs, Perzen en Egyptenaren tot zelfs de volkeren diep in Centraal-Amerika.

 

Hennep behoort tot de familie van de moerbei, die befaamd is om z’n genetische kracht en chromosomale complexiteit. De plant is in staat om in elke situatie en omgeving gezond te blijven, zonder bescherming van kunstmatige pesticiden en herbiciden. Wereldwijd is er ontzettend veel vraag ontzettend naar hennep, waardoor het ook voor boeren een zeer gewild gewas is om te verbouwen. China is op dit moment het land met de hoogste hennepproductie, gevolgd door Chili en Europa.

 

De hennepzaden worden gewonnen van de mannelijke hennepplant (Cannnabis Sativa L.). De mannelijke hennepplanten bevatten geen THC of in zeer lage concentraties en kunnen daarom veilig worden gebruikt. Er komen meer dan 400 verschillende stoffen in voor, waarvan ongeveer 60 uniek zijn en in geen enkele andere plant voorkomen.

 

Wat doet Hennepzaad?

Hennepzaad is één van de meest rijke voedingsbronnen ter wereld als het gaat om volwaardige eiwitten uit plantaardige bron (hoofdzakelijk het eiwit Edestin) en bevat ook nog eens de hoogste hoeveelheid essentiële vetzuren van alle zaden ter wereld. Het grootste verschil tussen dierlijke en plantaardige eiwitten is dat de meeste dierlijke producten – zoals vlees en zuivel – alle 9 essentiële aminozuren bevatten die het lichaam nodig heeft om dierlijke eiwitten om te zetten in menselijke eiwitten. Daarom worden dierlijke eiwitten vaak volwaardige eiwitten genoemd. De meeste plantaardige eiwitten, zoals bonen, erwten, noten, zaden en de meeste granen, bevatten wel alle essentiële aminozuren, maar vaak is het gehalte van één of twee van de aminozuren erg laag waardoor dit soort plantaardige eiwitten vaak als onvolwaardige eiwitten worden aangeduid. Een plantaardige eiwittenbron die daarentegen wel tot de volwaardige eiwitten behoort, is hennepzaad.

 

Volwaardige eiwitten zijn noodzakelijk om spierkracht, uithoudingsvermogen, een stabiele bloedsuikerspiegel, snelle genezing, sterke botten en tanden en het ontgiften van ons lichaam te kunnen garanderen. Ook bevatten ze meer dan 20 soorten mineralen (o.a. magnesium, kalium, calcium, ijzer, mangaan, zink, koper, platina, fosfor, zwavel, borium, nikkel, germanium, tin, jodium, chroom, zilver en lithium) en sporenelementen die essentieel voor het menselijke lichaam zijn.

 

Hennepzaden bevatten tevens een flinke hoeveelheid enzymen en antioxidanten, zoals vitamine E en lecithine, welke beide belangrijk zijn voor een gezonde hersenchemie. Lecithine ondersteunt tevens een gezonde leverfunctie, waarmee de natuurlijke reiniging van het lichaam wordt bevorderd.

 

Daarnaast zijn hennepzaden rijk aan alfa, bèta en gamma globuline, welke ons immuunsysteem versterken en helpen oud en beschadigd weefsel te herstellen en nieuw weefsel aan te maken. Bovendien bevatten hennepzaden chlorofyl en het anti-ontstekingsvetzuur G.L.A., die ook voorkomen in o.a. spirulina en bekend staan om hun hormoonregulerende werking en ontstekingsremmende kwaliteiten.

 

Er is wereldwijd geen enkele plant bekend die alle essentiële aminozuren bevat en tevens zo licht verteerbaar is. Hennepzaad bevat 35% vezels en 30% hennepzaadolie, de meest onverzadigde olie afkomstig uit plantaardige bron en buitengewoon rijk aan twee essentiële vetzuren: linolzuur (een omega-6) en alfalinoleenzuur (een omega-3). Deze vetzuren zijn zo perfect uitgebalanceerd, dat hierdoor onze dagelijkse lichamelijke behoeften compleet worden voorzien. Met recht verdient hennepzaad de naam “superfood”!

 

Gebruik

Hennepzaden smaken lekker romig en nootachtig en zijn heerlijk door smoothies, notenmixen, salades, rauwe snacks en soepen. Ook kun je er hennepmelk van maken. Daarnaast kun je de zaden vermalen tot meel waarna je er glutenvrije koek of brood mee kunt bakken.

 

Met schil bevat het hennepzaad meer vezels. Deze vezels werken als een borstel in je darmen om de afvalstoffen op een prettige manier te verwijderen. Daarnaast bevat de schil heel veel mineralen.

Gepelde hennepzaden hebben de eigenaardige eigenschap dat de voedingswaarde hoger is (normaal is dat andersom, zie bijvoorbeeld witte rijst versus zilvervliesrijst). Er is een hoger percentage eiwit en essentiële vetzuren (EFA) en een verminderd percentage koolhydraten.

 

De nootachtige smaak van hennepzaad olie maakt het verwerkbaar in een grote variatie aan voedingsproducten. In tegenstelling tot andere oliën die omega-rijk zijn (o.a. visolie en lijnzaadolie) geeft deze smaak een aanzienlijke verbetering in de consumentenwaarde!

 

Printversies Wat is hennepzaad

off

lifting-weights-e1390862076811-620x441

Wouter de Jong: “kies altijd voor vitamine D3 (cholecalciferol).

Results from a new study show that vitamin D2 may not be beneficial to muscle health in athletes.

There is ongoing study about the difference in effects of vitamin D3 versus vitamin D2 on human health. Vitamin D3 is the form of vitamin D that humans produce from sun exposure. Vitamin D2 is a form of vitamin D produced by certain plant species, like mushrooms. Supplement manufacturers make both kinds, but vitamin D3 is more commonly produced and found on store shelves.

In recent years, researchers have found that vitamin D3 may be more beneficial of the two and have questioned the use of vitamin D2.

Recently, researchers at the Appalachian State University in North Carolina set out to see the effects of vitamin D2 supplementation on reducing exercise-induced inflammation and muscle damage in athletes.

The research team recruited NASCAR pit crew members for the study. Pit crew members often undergo intense weight lifting and other muscle related exercise during their job.

They conducted a double blind randomized controlled trial study on pit crew members for six weeks. During the six weeks, the pit crew members either took 3,800 IU/day of vitamin D2 or a placebo.

They found that the pit crew members taking vitamin D2 had increased muscle damage compared to those taking a placebo.

“This is the first time research has shown that vitamin D2 supplementation is associated with higher muscle damage after intense weight lifting, and thus cannot be recommend for athletes,” said lead researcher Dr. David Nieman.

Based on their results, Dr. Nieman suggests that something is occurring at the muscle level with vitamin D2 that specifically worsens muscle damage.

“High vitamin D2 levels are not a normal experience for the human body,” Dr. David Nieman stated. “Taking high doses of vitamin D2 caused something to happen at the muscle that isn’t in the best interest of the athletes.”

During the study, those who took vitamin D2 had their vitamin D3 levels decrease, which is one theory for why vitamin D2 increased muscle damage.

More studies looking at the comparison of vitamin D2 and vitamin D3 in muscle health are needed for more conclusive answers.

Source

Research shows taking vitamin D2 is a poor choice for athletes. Appalachian State University News, 2014.

 

Printversie New research suggests vitamin D2 could lead to higher muscle damage after weight lifting

 

off

Sinds de oprichting van zijn praktijk in 2007 behandelde hij ruim 1.300 mensen. Wouter de Jong is van oorsprong diëtist, maar houdt zich na aanvullende studies nu veel bezig met lesgeven in de orthomoleculaire geneeskunde. “Ik kijk naar alle lichamelijke en psychosociale aspecten van de mens”, legt hij uit. “De term ‘het van angst in je broek doen’ komt ook niet uit de lucht vallen.”

 

561591_10151660994928789_1477216614_n

Hij is slechts 29 jaar oud en zeer ambitieus in zijn werk. Wouter de Jong schreef een boek over cacao als supervoedsel, startte het gezondheids- platform SuperfoodMe, geeft lezingen en was op 25 november nog te gast bij het televisieprogramma De Dokters. Hij betitelt zichzelf als ‘natuurgeneeskundig therapeut’ en heeft praktijken opge- richt in Den Haag, Rijswijk en Strijen onder de naam Pro Active Medicine. Zijn activiteiten op het gebied van lesgeven vinden plaats bij het Hamel College in Gorinchem, de PowerAca- demy en Puro academy in Rotterdam en Artesis Hogeschool campus Lier in België. In plaats van het bestrijden van ziektebeelden streeft hij bij mensen naar een optimale (preventieve) gezondheid, door orthomoleculaire laboratoriumstudies te vertalen naar een zo gezond mogelijke levensstijl.

 

Gezondheidsbankrekening

Dat onze voedselinname een grote invloed heeft op de gezondheid is geen geheim. Maar de effecten van de doses en samenstellingen van voedsel, kruiden, vitaminen, mineralen, probio- tica en enzymen zijn op ieder individu anders. Wouter de Jong begint zijn uiteenzetting met wat hij een ‘gezondheidsbankrekening’ noemt. “Je hebt een saldo nodig”, legt de natuurgeneeskundig therapeut uit. “Borstvoeding zorgt

er bij kinderen  voor dat zij worden geprogrammeerd met een goed werkend immuunsysteem. In de loop van het leven zijn er echter reparaties noodzakelijk waardoor het saldo afneemt. Stress, slecht eten en slapen, intensief mobiele telefoongebruik en het nuttigen van alcohol hebben ook een negatief effect. Uiteindelijk daalt ons saldo aan het einde van ons leven naar het nulpunt, waardoor lichaamsfuncties falen en we uiteindelijk een natuurlijke dood sterven. Tijdens je leven heb je de snel heid waarmee het saldo daalt voor een groot deel in eigen handen.”

Volgens De Jong is gezonde  en gevarieerde voeding de sleutel. “We denken wel dat we gevarieerd eten, maar is dat niet het geval. Hier in het westen eten wij op het gebied van fruit hoofdzakelijk appel, peer en banaan. Populaire groenten zijn broccoli, wortelen, prei en uien. In de keuze van vlees komen we vaak niet verder dan rundvlees, varken en kip. Alléén de spieren welteverstaan. Natuurvolkeren kennen vaak een hogere weerstand en levensverwachting. Hun menu is dan ook veel gevarieerder, zij eten vaak alles van een dier en daarbij zorgen ook de seizoenswisselingen voor de nodige diversiteit in het aanbod. Ga maar na: wanneer mensen kip eten die besmet is met salmonella krijgt circa de helft hier last van. De andere helft heeft via een eenzijdig voedingspatroon te weinig diversiteit opgebouwd om het probleem te kunnen neutraliseren. Een zwak immuunsysteem kan bijvoorbeeld leiden tot darmproblemen.”

 

Rust en nutricijnen

Met regelmaat melden mensen zich met continentie- en retentieproblemen op het spreekuur van Wouter de Jong. De vraag die zij daarbij stellen is: Hoe breng ik mijn zieke darmen terug in gezonde conditie? “In veel gevallen is het goed om het lichaam eerst een beetje rust te geven”, luidt zijn antwoord. “Zoals een zieke kat zichzelf verstopt om te slapen en te rusten. In de praktijk blijkt dat bijna alle ziektebeelden met behulp van deze tactiek op den duur verdwijnen. Wij gaan vaak gewoon door met ons reguliere leven onder invloed van geneesmiddelen. Maar als mensen ondanks darmklachten gewoon blijven eten dan blijven de darmen geïrriteerd. Wanneer je een dag niet eet komt de darm tot rust en kan hij beter herstellen”, is zijn ervaring. “Vervolgens heeft het lichaam nutricijnen nodig: vitamine C, probiotica, enzymen, zink. Door middel van nutricijnen creëer je een optimale voedingsstatus voor een vlot herstel.”

Het toedienen van probiotica, zoals de lactobacillen en bifidobacteriën die van nature voorkomen in de darm, heeft volgens hem vrijwel geen zin wanneer je ongezond eet. “Zij opereren als een bondgenoot van het lichaam”, aldus De Jong. “Maar alleen wanneer je goed zorgt voor bondgenoten dan komt dat ten gunste van je gezondheid. Je moet hen voeden zoals je een goede vriend een feestmaal voorschotelt. Zo houdt de bifidobacterie van alles wat onder de grond groeit, zoals wortelen, asperges en pastinaak. Wanneer je hem niet voedt dan keert hij zich tegen je. Het is alsof je vrienden uitnodigt voor een feestje, maar hen niets lekkers te eten en te drinken geeft. Dan worden zij opstandig.”

 

Totaalplaatje

De natuurgeneeskundig therapeut weigert om zich bij fecale incontinentie en obstipatie alleen te richten op de klacht, maar kijkt ook hier naar de gehele persoon. Hij neemt de tijd om de achtergrond in kaart te brengen, zonder een uitgebreid psychologisch profiel samen te stellen, maar wel door iets verder door te vragen. Wanneer is het probleem precies ontstaan? Zijn er veranderingen op het psycho-emotionele vlak? Bepaalde gebeurtenissen in het leven kunnen leiden tot het letterlijk ‘vasthouden’ van ontlasting. Ook lang stilzitten kan leiden tot obstipatie. De Jong spoort mensen dan ook aan om in beweging te komen. Iedereen heeft baat bij de cadansbeweging die ontstaat tijdens het wandelen, touwtjespringen, paardrijden of trampolinespringen. Wanneer iemand de benen niet goed kan gebruiken is het zaak om naar alternatieven te zoeken die deze cadansbeweging volgen. “Verder is het natuurlijk belangrijk dat mensen vol doende water drinken”, vult hij aan. “Ik zeg altijd: eerst water, de rest komt later. Overigens is de hoeveelheid ontlasting die een mens heeft ook afhankelijk van de hoeveelheid vezels die is gegeten. Zo zien we bij mensen die op dieet zijn vaak dat de ontlasting uitblijft; het lichaam neemt alles op.”

Bij zowel obstipatie als fecale incontinentie kunnen voedingsmiddelen die slijmerig zijn uitkomst bieden: “De darmen houden van een slijmerige substantie”, legt hij uit. “Deze maakt een gemakkelijke voortgang mogelijk. Te denken valt aan havermout, risottorijst, het eten van gedroogde pruimen, gelatine, lijnzaad en chiazaden. Daarnaast dikken deze producten de ontlasting in, waardoor zij ook uitkomst kunnen bieden bij fecale incontinentie.”

In dat laatste geval is het overigens zeer interessant om de effecten van gluten in ons eten nader toe te lichten. Gluten zijn eiwitten die alleen in granen zijn terug te vinden zoals tarwe, rogge of spelt: de belangrijkste grondstoffen voor brood. “Zij tasten onze darmwand aan”, aldus De Jong. “Onze darmen zijn zes tot negen meter lang en de wand bestaat uit villi en microvilli. Als je de totale oppervlakte uitrekent bestrijken zij de grootte van een voetbalveld. Wanneer je de villi en microvilli vergelijkt met gras op een voetbalveld kun je gluten vergelijken met een grasmaaier: je pleegt dus een aanslag op de darmwand. Nu is dat niet altijd even erg; de slijmvliezen kunnen  normaal binnen  vier dagen  herstellen. Maar het consequent en veelvuldig nuttigen van broodproducten  kan, gecombineerd met coeliaki of een mildere gluten-overgevoeligheid, problematisch worden.”

 

Boterhammen

Nu vormt brood al heel lang een onderdeel van ons voedselpatroon. Van oorsprong werden graanproducten echter beschouwd als reservevoedsel dat werd opgeslagen voor magere tijden. Langzamerhand is brood uit gegroeid tot een hoofdbestanddeel van ons dagelijks voedsel. “Er is verschil tussen het eten van één of twintig boterhammen per dag”, geeft De Jong aan. “Je kunt niet zeggen dat gluten niet goed voor je zijn, maar inname van teveel gluten leidt altijd tot diarree.” Ter illustratie vertelt hij een anekdote van een vrouw die jarenlang worstelde met de Ziekte van Crohn. Zeven tot elf keer per dag moest zij naar het toilet vanwege diarree. “Deze vrouw had alle in Nederland bekende behandelmethodes inmiddels ondergaan. Na een anderhalf uur durend consult heb ik haar geadviseerd te stoppen met de inname van producten die gluten bevatten. Vier weken later had zij nog  slechts drie keer per dag ontlasting, in vaste vorm… De problemen waren weg.”

Tot slot rijst de vraag welke algemene leidraad verpleegkundigen het best kunnen hanteren als een patiënt vraagt wat het beste voedsel voor hem of haar is. De Jong heeft daar wel een antwoord op: “Door migratie in het verleden zijn op verschillende plekken in de wereld verschillen tussen mensen ontstaan. Door de generaties heen hebben mutaties plaatsgevonden die verband houden met de omstandigheden op

die specifieke plaats. Iedereen heeft een genetische blueprint die verband houdt met het voedsel dat daar oorspronkelijk vandaan komt. Mijn advies luidt dan ook: Eet wat je voorouders ook hebben gegeten. Dus wanneer  je 100 procent West-Europees bent en houdt van Aziatisch  voedsel, kun je je afvragen of dat wel het beste voor je is. Aan de andere kant kan een Japanner die een Westerse dame tegen het lijf loopt beter ook niet volledig omschakelen naar aardappelen, vlees, groente en melkproducten. Je kunt het beste eten wat past bij je genetisch patroon.”

 

Dit interview met kPNI therapeut en (top)sportconsultant Wouter de Jong is geplaatst in ContiNu, landelijk vakblak voor continentie verpleegkundigen en verzorgenden. Jaargang 3, editie december 2013. 

 

Printversie Interview met Wouter de Jong voor vakblad voor continentie verpleegkundigen

off

Cranberry+ Balans

 

Ouderen met een hoog risico op een urineweginfectie kunnen door het regelmatig gebruik van supplementen met cranberryconcentraat het aantal blaasontstekingen met meer dan 25% verminderen. Bij meer dan 20% van deze ouderen ontwikkelden zich helemaal geen urineweginfecties meer.

 

Dat blijkt uit de eerste, grote cranberrystudie [1] die is uitgevoerd in verpleeghuizen. De afdeling Public Health en Eerstelijnsgeneeskunde (PHEG) van het Leids Universitair Medisch Centrum verrichtte deze studie in 21 Nederlandse verpleeghuizen, gefinancierd door ZonMW en de leverancier van het cranberryconcentraat. De resultaten van het onderzoek zijn op 17 januari 2014 gepubliceerd in het Journal of the American Geriatrics Society.

Bijna 50% van de kwetsbare ouderen in het verpleeghuis heeft regelmatig last van urineweginfecties (blaasontstekingen). Maar liefst 25% van alle voorkomende infecties in verpleeghuizen is een urineweginfectie. Het belang om infecties te voorkomen is groot. Veel bewoners hebben een fragiele gezondheid en voor hen kan een infectie ernstige gevolgen hebben. Bovendien komt resistentie van bacteriën die het vaakst urineweginfecties veroorzaken steeds vaker voor.

 

Effect van cranberry’s

Aan het onderzoek van een jaar namen 928 personen met gemiddeldeleeftijd van 85 jaar deel. In de studie werden dagelijks twee cranberrycapsules met een specifieke samenstelling tegenover een placebo (middel zonder werkzame stoffen) gebruikt.

Dat cranberry’s helpen om een urineweginfectie te voorkomen is al vele jaren bekend. “De Indianen wisten al van de geneeskrachtige werking van deze bessen.”, vertelt drs. Monique Caljouw (PHEG). “In de bessen zitten onder andere zogeheten PAC-deeltjes, die hechting van bacteriën aan de blaaswand zouden voorkomen”, legt Prof. Dr. Jacobijn Gussekloo (PHEG) uit.

Het nut van het innemen van andere cranberryproducten dan het in de studie gebruikte supplement wordt betwist. Cranberrysap heeft een zure smaak en het lukt patiënten vaak niet om voor langere tijd tweemaal daags een glas met de benodigde hoeveelheid te drinken.“Cranberrycapsules zijn daarom geschikter.”, meent Caljouw. Bovendien bevat het in dit onderzoek gebruikte supplement alle bestanddelen van de gehele cranberrybes. Uit eerdere onderzoeken is al gebleken dat de aanwezigheid van de complete bestanddelen de voorkeur verdient.

 

Gevaar van antibiotica resistentie

Caljouw en Gussekloo vinden het gebruik van het cranberrysupplement een effectieve methode om urineweginfecties te voorkomen bij ouderen in het verpleeghuis. Andere preventiemethoden zijn minder geschikt. “Vitamine C blijkt niet te werken en cranberrysap heeft zijn nadelen. Het toedienen van een lage dosering antibiotica levert resistentiegevaar op”.

Door overmatig en onzorgvuldig gebruik van antibiotica zijn steeds meer bacteriën resistent geworden. Als sommige infecties niet meer bestreden kunnen worden, kan een blaas- of longontsteking levensbedreigend worden.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, mevrouw Schippers heeft eind 2013 al bij de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) aangedrongen op betere internationale samenwerking bij de aanpak van de resistentie van bacteriën tegen antibiotica. Schippers noemde de groeiende resistentie ‘een ernstige bedreiging voor de volksgezondheid’.
Volgens het Instituut voor Verantwoord Medicijngebruik (IVM) overlijden in Europa jaarlijks 25.000 mensen aan bacteriële infecties omdat ze niet meer te behandelen zijn.

 

Eerdere onderzoeken met cranberry’s

Een studie [2] die werd uitgevoerd aan het AMC (Academisch Medisch Centrum, Amsterdam) heeft laten zien dat de capsules met hetzelfde cranberryconcentraat geen toename geven van antibioticaresistentie, terwijl preventie van urineweginfecties met antibiotica al heel snel tot resistentie leidt. Binnen een maand bleek 90% van de betrokken bacteriën resistent geworden. De studieresultaten van het PHEG van de universiteit van Leiden bevestigen dat het inzetten van cranberrycapsules een natuurlijk en veilig alternatief kan zijn voor de preventie van urineweginfecties.

 

Toelichting

In de studie is gebruik gemaakt van een cranberrysupplement met een bijzondere productiewijze en samenstelling. Voor dit cranberrysupplement
zijn alle bestanddelen van de gehele cranberry gebruikt, waardoor alle actieve stoffen in hun natuurlijke staat aanwezig zijn. Tevens voorziet een gepatenteerd verwerkingsproces in een bioactieve bescherming van alle bestanddelen van de cranberry waardoor deze de maag ongeschonden kunnen passeren en gereguleerd worden afgegeven. Niet alle andere verkrijgbare cranberrysupplementen hebben deze functionele eigenschappen. Voor één capsule cranberryconcentraat worden de bestanddelen van 18 gram verse cranberries gebruikt.

 

Link studiepublicatie:

http://onlinelibrary.wiley.com/doi/10.1111/jgs.12593/abstract

BRONNEN:

1. Monique A. A. Caljouw, Wilbert B. van den Hout, Hein Putter, Wilco P. Achterberg, Herman J. M. Cools, Jacobijn Gussekloo. Effectiveness
of Cranberry Capsules to Prevent Urinary Tract Infections in Vulnerable Older Persons: A Double-Blind Randomized Placebo-
Controlled Trial in Long-Term Care Facilities. Journal of the American Geriatric Society, Jan. 2014, Vol.62 Issue 1, p. 103-110.

2. Mariëlle A. J. Beerepoot, Suzanne E. Geerlings, MD, PhD et al. Cranberries vs Antibiotics to Prevent Urinary Tract Infections, A Randomized
Double-blind Noninferiority Trial in Premenopausal Women. Mariëlle A. J. Beerepoot, Suzanne E. Geerlings, MD, PhD et al.
Archives of Internal Medicine. 2011;171(14):1270-1278

Bron

 

Printversie Cranberrysupplement voorkomt blaasontsteking bij kwetsbare ouderen

off

Invloed maagzuurremmers op B12

zondag, januari 12, 2014 @ 11:01 AM

MaagzuurremmerLangdurig gebruik van maagzuurremmers vergroot de kans op een vitamine B12-tekort in het lichaam. Dat blijkt uit recent Amerikaans onderzoek. Vooral ouderen die maagzuurremmers gebruiken hebben een verhoogd risico op dit tekort.

Vitamine B12
Vitamine B12, een wateroplosbare vitamine, speelt een rol bij de vorming van rode bloedcellen, het zorgt voor een goede werking van het zenuwstelsel en is een essentiële factor voor de groei. Vitamine B12 komt alleen voor in voedingsmiddelen van dierlijke herkomst, zoals vlees, vis, melk en eieren. Het lichaam kan bij een hoge inname zelf de opname van vitamine B12 uit de voeding beperken. Er zijn bovendien geen nadelige effecten op het lichaam bekend van een te hoge inname.

En tekort aan vitamine B12 treedt vaak pas na jaren op, omdat het lichaam van deze vitamine een voorraad aanlegt. Een langdurig vitamine B12-tekort kan leiden tot een tekort aan foliumzuur, omdat deze twee vitamines samenwerken. Een gevolg daarvan kan bloedarmoede zijn, met symptomen als vermoeidheid, ademnood, pijn op de borst en een gebrek aan eetlust. Ook kan een vitamine B12-tekort het zenuwstelsel aantasten. Ouderen kunnen problemen krijgen met hun geheugen.

Maagzuurremmerse

Vitamine B12 wordt in het laatste deel van de dunne darm opgenomen, in het ileum. Om vitamine B12 vrij te maken uit eiwitten, zijn maagzuur en het enzym pepsine nodig. Daarnaast wordt vitamine B12 gekoppeld aan de ‘intrinsieke factor’ (IF).

Onder de maagzuurremmers vallen de protonpompremmers (zoals omeprazol) en de H2-receptorantagonisten. Deze geneesmiddelen remmen de aanmaak van maagzuur en pepsine. Hierdoor wordt vitamine B12 minder goed vrijgemaakt van het voedingseiwit. En daardoor kan vitamine B12 niet goed opgenomen worden in het lichaam.

Eenvoudige maagzuurproducten (zoals Rennie, Maalox en Gavioscon) hebben geen effect op de vitamine B12 status in het lichaam. Deze maagzuurproducten zetten namelijk alleen overtollig maagzuur om in water en andere lichaamseigen stoffen. Er is dan dus nog wel voldoende maagzuur om vitamine B12 vrij te maken uit voedingseiwitten.

Advies
Mensen die maagzuurremmers gebruiken, hebben een verhoogde kans op een vitamine B12-tekort. Dat wil niet zeggen, dat iedereen die maagzuurremmers gebruikt, ook daadwerkelijk een vitamine B12-tekort heeft. Wie gezond eet en leeft, loopt weinig risico. Er is geen reden tot zorg als er geen klachten zijn die overeenkomen met de symptomen van een vitamine B12-tekort. Het nemen van een multivitamine of speciale zuigtablet (dibencozide) met daarin vitamine B12 kan een goede aanvulling zijn.
Bronnen:
Lam JR, Schneider JL, Zhao W, Corley DA. (2013). Proton pump inhibitor and histamine 2 receptor antagonist use and vitamin B12 deficiency. JAMA. 310 (22):2435-42.

 

Printversie Invloed maagzuurremmers op B12

off

Hormoonverstorende stoffen risico voor baby

zondag, januari 5, 2014 @ 04:01 PM

Ongeboren baby’s worden blootgesteld aan chemische stoffen die het hormoonsysteem verstoren, waardoor hun stofwisseling negatief wordt beïnvloed.

Dat blijkt uit het Europees OBELIX-onderzoek dat gecoördineerd is door de Vrije Universiteit Amsterdam.

De chemische stoffen verstoren de stofwisseling omdat ze in het lichaam de werking van hormonen nabootsen.

Het gaat bijvoorbeeld om stoffen in plastic, dioxines (giftige stoffen die ontstaan bij de verwerking van afval), polychloorbifenyl (vroeger gebruikt in de industrie maar nog steeds aanwezig in de voedselketen vanwege hun stabiliteit) en perfluorkoolstofverbindingen (voor allerlei toepassingen gebruikt zoals in verpakkingsmaterialen).

Deze stoffen zijn in lage concentraties aanwezig in voedsel en kunnen bij zwangere vrouwen terechtkomen in de ongeboren baby. Daar kunnen ze een verstorend effect hebben op de stofwisseling wat ertoe kan leiden dat de hormoonbalans en de groei van vetcellen wordt verstoord.

De stoffen worden in verband gebracht met overgewicht omdat ze de hormoonbalans en de energiestofwisseling kunnen verstoren.

 

Strengere regels

Uit het onderzoek blijkt dat al bij lage hoeveelheden, die volgens de wettelijke norm veilig zijn, hormoonverstorende effecten optreden die invloed hebben op het lichaamsgewicht.

VU-hoogleraar toxicologie Juliette Legler, verbonden aan het Instituut voor Milieuvraagstukken van de VU, vertelt donderdagavond 19 december over het onderwerp in de uitzending ‘Zorgwekkende stoffen’ van het tv-programma Zembla.

“Mensen zijn zich niet bewust van het feit dat ze via hun voeding worden blootgesteld aan dit soort stoffen tijdens de zwangerschap, en dat deze blootstelling niet geheel zonder risico is, zeker voor jonge kinderen.”, aldus Legler.

Eerder was al bekend dat deze hormoonverstorende chemische stoffen een rol kunnen spelen in gezondheidsproblemen als kanker, de ontwikkeling van het zenuwstelsel en vruchtbaarheidsproblemen.

Dankzij het onderzoek zijn effecten op de stofwisseling aan deze lijst toegevoegd. Een groep van 89 wetenschappers, waaronder Legler, vraagt de Europese Commissie om strengere regels en betere testmethodes voor het gebruik van deze groep chemische stoffen.

 

Bron

 

Printversie Hormoon verstorende stoffen risico voor baby

off

Cacao helpt bij ontstekingsziekten

zondag, januari 5, 2014 @ 04:01 PM

 

De stof epicatechine, die veel in cacao voorkomt, kan de natuurlijke werking van de lichaamseigen ontstekingsremmer cortisol herstellen. Bij veel chronische ontstekingsziekten is de functie van cortisol aangetast.

 

De cacaocomponent zou daarnaast een positief effect kunnen hebben op de toediening van medicijnen die bijvoorbeeld worden ingezet bij COPD-patiënten. Onderzoeker Erik Ruijters van het Maastricht UMC+ publiceert deze bevindingen in het wetenschappelijk tijdschrift Pharmacological Research.

Van nature wordt het lichaam tegen ontstekingen beschermd door lichaamseigen ontstekingsremmers (ofwel glucocorticoïden), zoals cortisol. Bij onder meer COPD, reumatoïde artritis en chronische darmontsteking is de werking daarvan echter drastisch verminderd.

Uit het onderzoek blijkt dat die afname wordt veroorzaakt door het ophopen van schadelijke zuurstofdeeltjes.

 

Schadelijke werking

Ankertje Cacao - Wouter de Jong

Cacao is rijk aan zogenoemde flavonoïden, die er om bekend staan dat ze als antioxidant kunnen dienen om die schadelijke werking te beperken. Epicatechine (ook een flavonoïde) blijkt daar eveneens toe in staat te zijn.

Ruijters toont met zijn onderzoek voor het eerst aan hoe een flavonoïde op die manier de natuurlijke functie van cortisol kan herstellen en dus ontstekingsremmend werkt.

Veel patiënten met een chronische ontstekingsziekte krijgen vaak medicijnen met cortisol als werkzame stof toegediend, zogenoemde corticosteroïden. Echter blijken deze in de praktijk niet altijd even effectief te zijn.

Volgens Ruijters kan het stofje uit cacao dan uitkomst bieden: “In theorie kan een middel op basis van epicatechine, en andere flavonoïden, de werking van deze geneesmiddelen weer herstellen. Het is in de toekomst dus niet ondenkbaar dat beiden tegelijkertijd worden voorgeschreven. Het is zelfs mogelijk dat enkel de toediening van flavonoïden zelf al voldoende is om een ontsteking af te remmen.”

 

Bron

 

 

Printversie Cacao helpt bij ontstekingsziekten

off