You are currently browsing the Blog : Sport en voedings supplementen advies door Wouter de Jong blog archives for juni, 2019.

Archive for juni, 2019

copdDe link met vitamine D

Vitamine D-tekort kan luchtwegontsteking verergeren en de lichaamseigen immuniteit verzwakken. Vitamine D verhoogt de aangeboren immuniteit door de productie van antimicrobiële peptiden (AMP’s) en de cytokinerespons te moduleren.

 

Bovendien draagt vitamine D bij aan de activatie van B- en T-cellen evenals aan het stimuleren van de activiteit van monocyten en macrofagen. Deze immuuncascade staat gelijk aan een krachtig systemisch antimicrobieel effect.

 

Een review en meta-analyse in 2015 wees uit dat mensen met ernstige COPD vaak lage vitamine D-spiegels hebben. Suppletie met vitamine D kan symptomen van COPD verbeteren en de frequentie van luchtweginfecties verminderen, dit door de respons op pathogenen te versterken en hun proliferatie af te remmen. Welke een negatieve uitwerking hebben op de gladde spieren van de luchtwegen. De belangrijkste drager van vitamine D-metabolieten is vitamine D binding proteïne (VDBP). Polymorfismen van het VDBP-gen zijn eveneens geassocieerd met COPD en de mate aan serumgehalte van 25-hydroxyvitamine D (25 (OH) D).

 

Vijf gerandomiseerde studies werden opgenomen voor systematische analyse van het vitamine D- suppletie effect op COPD-patiënten.
Vier studies toonden aan dat vitamine D-inname ten goede kwam aan COPD-patiënten.
Vitamine D-inname remt ernstige COPD opflakkering. Eén studie wist aan te tonen dat patiënten met vitamine D-interventie significante verbeteringen ervoer op vlak van ademhaling en spiersterkte plus de zuurstofopname konden maximaliseren.

 

De andere twee onderzoeken toonden aan dat vitamine D beschermt bij patiënten met een serumspiegel van 25 (OH) D lager dan 20 ng/ml (ernstig deficiënt). Of met andere woorden: een groot tekort van 25 (OH) D bleek geassocieerd met COPD-ernst.

 

Dosis bepaalt het effect

In het merendeel van de onderzoeken zag men een positief effect bij maandelijkse dosissen van 100.000 IE, gedurende min. zes maanden. Dit komt neer op dagdosissen van 3000 tot 4000 IE (= 100 mcg). Eén onderzoek hanteerde een dagelijkse dosis van 2000 IE (50 mcg) gedurende 6 weken en tekenden hier geen merkbare verbeteringen op. Deze dosis (alsook testperiode) was dan ook minder dan de dosis die in de andere onderzoeken werd gebruikt.

 

Referentie

Biyuan Zhu et al. Int J Chron Obstruct Pulmon Dis. 2015; 10: 1907–1916. Published online 2015 Sep 11. doi: 10.2147/COPD.S89763

 

Bron: https://www.biok.center/node/1289

off

DiabetesOuderdomssuiker was een kwaal waar je nooit meer vanaf kwam. Maar een gerichte aanpak van de eet- en leefgewoonten kan veel goeds doen voor de diabetespatiënt. Er waren al verhalen over wondergenezingen, nu tonen Nederlandse onderzoekers aan dat een leefstijlinterventie echt werkt.

 

Nog niet zo lang geleden was de diagnose ‘suikerziekte’ een vonnis voor levenslang. Diabetes type 2, ook wel ‘ouderdomssuiker’ genoemd, werd als ongeneeslijk beschouwd. Behandeling met medicijnen als metformine en insuline, dagelijks door de patiënt zelf te injecteren, was vaak onvermijdelijk.
 

Diabetes houdt in dat het lichaam niet meer in staat is het te hoge bloedsuikergehalte weg te werken. Die ontoereikende glucosecontrole leidt tot diverse complicaties. Bloedvaten en zenuwen raken beschadigd. Nieren, ogen en het hart functioneren minder. Zware suikerpatiënten overlijden eerder.
 
‘Ouderdomssuiker’ is niet onvermijdelijk. De symptomen zijn in de meeste gevallen goed te bestrijden. Wie het genetische geluk heeft minder gevoelig te zijn voor diabetes, mag z’n handen dichtknijpen. Ook wie op een gezond gewicht weet te blijven als de jaren klimmen, blijft meestal gevrijwaard van diabetes type 2. Want ‘T2D’ is een veel voorkomende bijkomende ziekte bij obesitas. Er wordt dan ook gesproken van een wereldwijde ‘diabesitas’-epidemie. Naar schatting lijdt een half miljard wereldburgers aan T2D. Dat aantal stijgt nog altijd.

 

Revolutie
Maar er zijn belangrijke nieuwe ontwikkelingen gaande in de behandeling van T2D. Een revolutie, zo mag het gerust heten. In plaats van medicijnen toedienen aan het zieke lichaam om de bloedsuikerspiegel te laten dalen, zouden patiënten zich een andere leefstijl kunnen aanmeten. Leefstijlverandering als medische interventie leidt tot succesverhalen over hoe suikerpatiënten van hun insulinespuit afraken. Dat gaat verder dan de verhalen over individuele wondergenezingen: ziektekostenverzekeraars vergoeden al programma’s als Keer Diabetes2 Om.
 
Gezonder leven kan de gevolgen van T2D bij veel patiënten sterk verminderen, dat blijkt uit recente onderzoeken. Dat is ook de uitkomst van het eerste wetenschappelijke onderzoek uit de hoek van de Nederlandse leefstijlverbeteraars. Een groep rond Hanno Pijl, hoogleraar diabetologie in Leiden, Renger Witkamp, hoogleraar voeding en gezondheid aan de WUR, en Peter Voshol, biochemicus van het Louis Bolk Instituut, onderwierp 74 suikerpatiënten gedurende een half jaar aan het Keer Diabetes2 Om-programma. De resultaten werden recent gepubliceerd in het Britse medische vakblad BMJ onder de titel ‘Nutrition and lifestyle intervention in type 2 diabetes: pilot study in the Netherlands showing improved glucose control and reduction in glucose lowering medication’.

 

Het betreft een pilot study met een niet heel grote groep deelnemers over een niet al te lange periode. Maar de resultaten mogen er zijn. Veel van de patiënten, die allen overgewicht hadden, vielen af, kregen betere bloedwaarden en hoefden minder en in enkele gevallen zelfs geen medicijnen meer te gebruiken. De goede score is deels toe te schrijven aan de grote motivatie van de deelnemers, die zich zelf hadden aangemeld.
 
Integrale aanpak
Het Keer Diabetes2 Om-programma omvat een integrale aanpak van de voeding en lichaamsbeweging, onder begeleiding van diëtisten, verpleegkundigen en artsen. De deelnemers krijgen informatie over gezonde voeding, maar volgen ook een kookcursus. Ze leiden hun gewone dagelijkse leventje, maar houden intensief contact met elkaar en met de begeleiding en komen verspreid over het half jaar enkele dagen bijeen.
 
Opmerkelijk is dat er niet een streng dieet wordt voorgeschreven. Wel mijdt men bewerkt voedsel met suiker en snelle koolhydraten, maar op vet wordt bijvoorbeeld niet gelet. In de praktijk bleken de deelnemers zich goed te kunnen houden aan het ritme van ontbijt, lunch en avondeten. Snacks tussendoor en het glas wijn bij het eten kon niet iedereen laten staan. De nieuw aangeleerde eetgewoonten zijn goed vol te houden, een belangrijke voorwaarde voor succes op de langere termijn. Terugval naar slechte gewoonten betekent ook terugkeer van de suikerziekte.
 
Alternatieve interventies
Andere interventiestudies gaan uit van striktere diëten. Een dit voorjaar verschenen overzichtsartikel in het vakblad Nutrients deelt de interventies om diabetes om te keren in 3 categorieën in. De onderzoekers namen de Nederlandse studie (nog) niet mee, maar vergeleken drie sinds kort aanbevolen manieren om TD2 zo aan te pakken dat er geen medicijnen meer nodig zijn.
 
De eerste alternatieve aanpak, en meteen de meest effectieve, is geen dieet maar een medische ingreep: een bariatrische operatie. Een maagverkleining is het meest effectieve middel tegen T2D. De twee andere aanbevelingen zijn een laagcalorisch dieet (minder eten) en een koolhydraatbeperkend dieet (minder koolhydraten). Beide diëten zijn effectief op de korte termijn maar er is nog altijd geen zicht op de langere termijn.
 
De onderzoekers pleiten voor het opzetten van een database met gegevens van patiënten die aan dergelijke interventiestudies deelnamen.

 

Bron: Foodlog

off

hartHet preventief inzetten van omega-3-vetzuren kan een plotseling overlijden als gevolg van hartritmestoornissen voorkomen. Dat blijkt sterk uit klinische onderzoeken. Het achterliggende mechanisme is tevens blootgelegd, zijnde het moduleren van ion-celmembraankanalen. Hierdoor worden hartcellen gestabiliseerd in het doorgeven van hun elektrische signalen.

Omega-3-vetzuren worden ingebouwd in de celmembranen, vooral in de cellen van hersenen, hart en spieren. Hart, hersenen en spieren zijn stuk voor stuk weefsels die afhankelijk zijn van een soort elektrisch geleidingssysteem en bijhorende prikkeloverdracht. Zodoende sturen ze levensbelangrijke functies aan. Ze doen dit door ionkanalen op hun plasmamembranen te openen en te activeren waarna deze vervolgens geïnactiveerd worden. Daardoor worden ionische stromen gecreëerd, die onder andere verantwoordelijk zijn voor het creëren van een actiepotentiaal in de hartcellen. De snelle beweging van positieve natrium-ionen in de hartcel starten het actiepotentiaal. Dit wordt gevolgd door kalium dat uit de cel gaat waardoor het membraanpotentiaal weer tot rust komt. Het ritmisch verlopen van polarisatie en depolarisatie creëert deze actiepotentialen, die de elektrische en mechanische functies van het hart als het ware besturen, resulterend in zijn ritmische samentrekkingen.

Elektrische stabiliserende werking
Fatale aritmieën treden op wanneer de elektrische signalen chaotisch worden en het hart niet langer als een pomp kan functioneren. Omega-3-vetzuren moduleren de ionenstromen in het plasmamembraan van hartcellen en vertonen zodoende een elektrische stabiliserende werking.

Dezelfde elektrische activiteit speelt zich eveneens af in de hersenneuronen en worden op dezelfde manier gemoduleerd door de omega-3-vetzuren. Het is duidelijk dat omega-3-vetzuren een elementaire controle uitoefenen op alle prikkelgeleide weefsels in ons lichaam: de cardiale, neurale en spierweefsels.

Klinisch onderzoek
Er zijn verschillende studies gedaan waarbij de relatie tussen omega-3-vetzuurconsumptie en het risico op plotselinge sterfte is onderzocht [1,2,3]. De Physicians Health Study betreft een prospectieve, case-control-analyse onder gezonde mannen die gedurende 17 jaar werden opgevolgd [1]. De vetzuursamenstelling van bloed werd bij aanvang bij alle proefpersonen bepaald. Basisbloedniveaus van omega-3-vetzuren bleken significant omgekeerd evenredig met het risico van plotseling overlijden. Vergeleken met de mannen van wie de bloedspiegels van de omega-3-vetzuren in het laagste kwartiel lagen, was het relatieve risico van plotselinge sterfte significant lager bij mannen met bloedspiegels die in het derde kwartiel of vierde kwartiel lagen. De gevonden  risicoreducties van 72% en 81% zijn de grootste gunstige humane cardiale effecten van de tot nu toe gerapporteerde omega-3-resultaten. Indien de ethylester van EPA werd getest, vertoonde dit echter geen anti-aritmische werking. Enkel de glycerolvorm met zijn vrije vetzuren heeft een anti-aritmische werking.

Mensen die familiaal belast zijn met cardiovasculaire aandoeningen worden aangeraden een supplement in te nemen met 1 tot 2 gram EPA en DHA per dag. Dit zijn onderzoeksaanbevelingen die niet in lijn zijn met wat door overheidsinstanties geadviseerd wordt. De voorkeur gaat uit naar natuurlijk voorkomende triglyceriden in plaats van ethylesters.

Referenties

  1. Leaf A, Kang JX, Xiao YF, et al. Clinical Prevention of Sudden Cardiac Death by n-3 Polyunsaturated Fatty Acids and Mechanism of Prevention of Arrhythmias by n-3 Fish Oils. Circulation 2003. 
  2. Albert CM, Campos H, Sta mpfer MJ, et al. Blood levels of long-chain n-3 fatty acids and the risk of sudden death. N Engl J Med. 2002.
  3. Albert CM. Omega-3 Fatty Acids, Ventricular Arrhythmias, and Sudden Cardiac Death: Antiarrhythmic, Proarrhythmic or Neither. Circ Arrhythm Electrophysiol. 2012. 

 

Bron: Energetica Natura

off

Omega-3 en pollenallergie

dinsdag, juni 11, 2019 @ 12:06 PM

PollenallergieAstmalijders, allergisch voor pollen, hebben minder omega-3 in hun cellen. Hun luchtwegen zijn veel gevoeliger voor allergenen dan niet-allergische personen, en mogelijk is dat te wijten aan een tekort aan omega-3. Astmalijders hebben een minder gunstige omega-3/omega-6 verhouding, en dat is niet verwonderlijk als je weet wat er in ons westers dieet zit. Die bevat veel omega-6 maar weinig omega-3, een (wan)verhouding die ontstekingen in het lichaam reactiever maken.
 
Onderzoek toont dus nogmaals het belang aan van een voldoende inname van omega-3-vetzuren. Vooral de longen zijn gevoelig voor reactieve deeltjes uit de lucht, omdat ze voortdurend onder een hoge zuurstofstress staan. Een aantal studies hebben bewezen dat supplementen met omega-3 de symptomen van astma effectief kunnen onderdrukken.

 

Referentie:
Kitz R, Rose MA, Schubert R et al. Omega-3 polyunsaturated fatty acids and bronchial inflammation in grass pollen allergy after allergen challenge. Respiratory Medicine (10) xx, 1e6
 
Bron: ABC Gezondheid

off

Elektrolytenbalans

Nutriënttabel aardbeien

 

Elektrolyten zoals de mineralen magnesium, kalium, calcium, natrium en chloor zijn elektrisch geladen deeltjes of ionen, opgelost in het bloed en extracellulair vocht. Ze staan onder meer in voor het op peil houden van de vochtbalans en pH- waarde in het bloed, evenals voor een goede zenuw- en spierfunctie. In ieder geval moeten elektrolyten in balans zijn en bijgevolg in een ideale verhouding ten opzichte van elkaar aanwezig zijn.

 

Het is belangrijk om de natrium/kaliumverhouding (1/15) in de cel constant te houden.

 

Vanwege hun hoge kaliumgehalte worden aardbeien dan ook aanbevolen aan mensen met een hoge bloeddruk. Een lage kaliuminname is net zo’n grote risicofactor voor het ontwikkelen van hoge bloeddruk als een hoge natriuminname.

 

Een studie uit 2011 toonde aan dat deelnemers die 4.069 mg kalium per dag consumeerden, een 49 procent lager risico op overlijden door ischemische hartziekte hadden vergeleken met degenen die ongeveer 1.000 milligram kalium per dag consumeerden. Een hoge inname van kalium wordt ook in verband gebracht met een verminderd risico op een beroerte.

 

Flavonoïden en hart- en vaatlijden

De flavonoïde quercetine, aanwezig in aardbeien, is een natuurlijke ontstekingsremmer die het risico op atherosclerose vermindert en beschermt tegen de schade veroorzaakt door ‘low density’ lipoproteïne. Van de in bessen aanwezige antioxidanten quercetine, kaempferol en anthocyaninen is aangetoond dat ze de vorming van schadelijke bloedstolsels verminderen.

 

Een studie van Harvard wees uit dat regelmatige consumptie van anthocyanines, het risico op een hartaanval met 32 ​​procent kan verlagen bij jonge en middelbare leeftijd vrouwen. Vrouwen die ten minste drie porties aardbeien of bosbessen per week consumeerden deden het op dit gebied het best volgens een studie gepubliceerd in “Circulation journal”.

 

Een hogere inname van anthocyanines was geassocieerd was met een 32% reductie op hartinfarctrisico. Andere studies hebben aangetoond dat het eten van aardbeien helpt om het homocysteïnegehalte te verlagen, een aminozuur in het bloed dat geassocieerd wordt met het beschadigen van de binnenwand van de bloedvaten.

 

Nummer 1 in de “dirty Dozen 2019”

Elk jaar produceert de Environmental Working Group (EWG) een lijst met groenten en fruit met de hoogste niveaus van pesticidenresiduen. Deze staat bekend als de “Dirty Dozen” lijst.

 

Elk gewas uit deze lijst test positief voor een aantal verschillende residuen van bestrijdingsmiddelen en bevat hogere concentraties aan pesticiden. Meer dan 90 procent van de monsters van aardbeien (maar ook appels, kersen, spinazie, nectarines en boerenkool) is positief getest voor residuen van twee of meer bestrijdingsmiddelen. Het is dan ook aangewezen biologische aardbeien te kopen om een ​​lager risico op pesticidenblootstelling te garanderen.

 

Referenties:

  • Cassidy, A., Mukamal, K. J., Liu, L., Franz, M., Eliassen, H., & Rimm, E. B. High anthocyanin intake is associated with a reduced risk of myocardial infarction in young and middle-aged women. Circulation, 127(2), 188-196. 2013, January 14. http://circ.ahajournals.org/content/127/2/188
  • EWG’s 2016 Shopper’s Guide to Pesticides in Produce. (2016). Retrieved from https://www.ewg.org/foodnews/summary.php
  • Tang, Z., Li, M., Zhang, & Hou, W. Dietary flavonoid intake and the risk of stroke: a dose-response meta-analysis of prospective cohort studies. BMJ Open, 6(e008680) 2016. http://bmjopen.bmj.com/content/6/6/e008680.info
  • Yang, Q., Liu, T., Kuklina, E. V., Hong, Y., Gillespie, C., Chang, M. H., … & Hu, F. B. Sodium and potassium intake and mortality among U.S. adults: Prospective data from the Third National Health and Nutrition Examination Survey [Abstract]. Archives of Internal Medicine, 171(13) July 11).  https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/21747015

 

Bron: https://www.biok.center/node/1275

off

diabetesHet aantal kinderen met type-1-diabetes is de laatste 30 jaar verdubbeld en wordt vooral in het najaar/winter gediagnosticeerd.

Het aantal kinderen dat per jaar de diagnose diabetes mellitus type 1 krijgt, is in de afgelopen 30 jaar verdubbeld. Dat concludeert Angelien Spaans-Hummelink in haar proefschrift Scope of epidemiology and daily practice in children with type 1 diabetes in the Netherlands.

Spaans promoveerde op 15 mei 2019 aan de Rijksuniversiteit Groningen.

 

Vaker in de winter

Naast een toename van het aantal kinderen, blijkt uit het onderzoek van Spaans ook dat de meeste diagnoses in het najaar en in de winter gesteld worden. Spaans gebruikte voor haar onderzoek gegevens van kinderen van 0 tot 14 jaar uit de database Vektis, waarin zorgverzekeraars informatie bijhouden over gestelde diagnoses en uitgeschreven recepten voor medicatie. ‘De toename in het aantal diagnoses, en ook het feit dat dat seizoensgebonden is, is niet uniek voor Nederland,’ vertelt ze. ‘Dat beeld zien we wereldwijd.’ Een directe verklaring voor die seizoensgebondenheid is er nog niet. ‘Men vermoedt wel dat het met virussen te maken heeft, maar daar is nog geen sluitend bewijs voor.’ Opvallend is overigens dat de diagnose bij kinderen van 0 tot 4 jaar juist vaker in het voorjaar gesteld wordt.

 

Auto-immuunziekten

Diabetes type 1 is een auto-immuunziekte: het afweersysteem keert zich tegen een systeem van het eigen lichaam, waardoor dat niet goed functioneert. ‘We weten al dat kinderen met diabetes type 1 relatief vaak een andere auto-immuunziekte hebben, zoals een snelle of een te trage schildklier of coeliakie (glutenallergie).’ Ook daarvoor vond Spaans bewijs: kinderen met diabetes type 1 blijken 24x zo vaak ook een schildklieraandoening te hebben. Omdat er voor coeliakie geen medicijnen worden voorgeschreven, vond Spaans daarover geen gegevens in de database.

 

Bron: UMCG en VoedingOnline

off

Kalium tegen hoge bloeddruk

woensdag, juni 5, 2019 @ 12:06 PM

KaliumVeel mensen lijden – zonder het te weten – aan een chronisch kaliumgebrek. De gevolgen op termijn zijn hypertensie en de daar aan verbonden hart- en vaatziekten. Kalium, dat vooral terug te vinden is in bananen en gedroogde abrikozen, vervult een sleutelrol bij het samentrekken en ontspannen van de hartspier. Kalium is verder belangrijk voor de overdracht van zenuwimpulsen en voorkomt krampen. Kalium is ook zeer belangrijk voor een optimale nierfunctie en helpt – via de bijnieren – mee om het stressniveau onder controle te houden. Het is tot slot ook een essentieel mineraal voor de productie van energie.

 

Veel Europeanen lijden onbewust onder een kaliumtekort omdat ze teveel zout consumeren. Kalium en zout moeten in evenwicht zijn. Om dat te bereiken moeten mensen vier maal meer kaliumrijke groenten en fruit eten (of een supplement gebruiken) dan ze zout in hun lichaam krijgen. Bananen zijn een zeer degelijke kaliumbron.

 

Referentie:

Mark C. Houston, MD, MS; Karen J. Harper, MS, PharmD. Potassium, Magnesium, and Calcium: Their Role in Both the Cause and Treatment of Hypertension. J Clin Hypertens. 08 07;10(7 Suppl ):3-11
Jalil JE. Blood pressure reduction, potassium channels, and the endothelium: insights from L-serine. Hypertension. 08 03;51(3):626-8

 
Bron: ABC Gezondheid

off

Prostaatkanker voorkomen met selenium

woensdag, juni 5, 2019 @ 11:06 AM

ProstaatkankerMannen die roken of in zwaar vervuilde steden wonen, kunnen baat hebben bij een verhoogde inname van het spoorelement selenium, een spoorelement dat wordt aangetroffen in voedingsmiddelen zoals vis en noten. Het blijkt dat selenium de rem kan zetten op het kankerverwekkende effect van cadmium, een zwaar metaal dat vooral wordt aangetroffen in tabak en luchtvervuiling. Volgens een Duits onderzoek is het vermogen van selenium om zich te binden met zware metalen vooral belangrijk in de prostaatklier: het is immers bekend dat cadmium daar kanker bevordert.

 

Europa behoort tot een deel van de wereld dat relatief weinig selenium in de landbouwgrond heeft in vergelijking met andere gebieden. Een gemiddeld Europees dieet zou iets tussen 30 en 50 microgram selenium bieden, maar volgens een Amerikaanse studie, waarin het kankerpreventieve effect van selenium werd getest, was er 200 microgram per dag nodig (in de vorm van een supplement) om een kankerbeschermend effect te verkrijgen.
In deze studie konden onderzoekers 63% minder prostaatkanker aantonen bij degenen die selenium namen, vergeleken met proefpersonen die identieke placebopillen kregen.
 
Referenties:

Biol Trace Elem Res, 20 02 10
JAMA. 96, 25 12;276(24):1957-63.

 
Bron: ABC Gezondheid

off

MedicijnenHoe meer medicijnen geriatrische patiënten gebruiken, hoe groter de kans op een tekort aan magnesium. Vooral diabetesmedicatie, protonpompremmers en hart- en vaatmedicatie gaan vaak gepaard met lage magnesiumspiegels. Dat blijkt uit onderzoek van Ziekenhuis Gelderse Vallei en Wageningen University & Research, gepubliceerd in Clinical Nutrition.

 

Polyfarmacie

Het onderzoek is uitgevoerd onder 343 ouderen die voor de eerste keer een bezoek brachten aan de polikliniek Geriatrie van Ziekenhuis Gelderse Vallei. Hypomagnesiëmie kwam regelmatig voor, afhankelijk van de afkapwaarde bij 12 procent (Mg <0,70 mmol/l) tot 22 procent (Mg <0,75 mmol/l). Mensen die meer medicijnen gebruikten, hadden 80 procent meer kans op een magnesiumtekort. In het onderzoek was bij tweederde van de poliklinische patiënten sprake van polyfarmacie (gebruik van ≥5 verschillende medicijnen).

 

Diabetes en hart- en vaatziekten

Hypomagnesiëmie komt bij bepaalde medicijnen vaker voor. Zo was het percentage tekorten hoger dan gemiddeld bij gebruik van diabetesmedicatie als metformine en insuline: 29-41 procent van de diabetespatiënten had een tekort aan magnesium. Lage magnesiumspiegels kwamen ook vaker voor bij gebruik van protonpompremmers, calciumsupplementen, luchtwegverwijders, bisfosfonaten, statines, bètablokkers en antistollingsmedicijnen.

 

Magnesiumtekorten verdienen meer aandacht

Magnesiumtekorten kunnen volgens de onderzoekers leiden tot diverse klachten. Lage magnesiumspiegels (≤0,75 mmol/l) houden verband met atriumfibrillatie, hoge bloeddruk, hartinfarct, plotselinge hartdood, beroerte en diabetes. Toch worden de klinische verschijnselen van magnesiumtekorten meestal niet herkend. Artsen doen nauwelijks magnesiumbepalingen: één bloedwaarde ziet men over het algemeen als onvoldoende betrouwbaar en  aanvullende bepalingen als belastend voor de patiënt. Dit leidt tot onderbehandeling van klinische magnesiumtekorten. Terwijl gerichte behandeling door magnesiumrijke voeding of magnesiumsuppletie volgens de onderzoekers juist kan bijdragen aan het verminderen van medicijngebruik en aan gezondheidswinst voor de patiënt. Daarom pleiten de onderzoekers voor meer aandacht voor magnesiumtekorten.

 

Bron: Alliantie Voeding en https://www.nieuwsvoordietisten.nl/medicijngebruik-verhoogt-risico-op-magnesiumtekort/

off

Depressie magnesiumVroegere studies legden al een verband tussen depressie en het ontwikkelen van dementie of ziekte van Alzheimer. Hierbij was niet altijd duidelijk wat oorzaak of gevolg was, maar de associatie was duidelijk, vooral bij langere duur en op latere leeftijd.
 
Recente studies onderzochten dit fenomeen opnieuw en stelden vast dat depressie geen voorbode op zichzelf was van het ontwikkelen van dementie, maar een onafhankelijke risicofactor. Depressie verdubbelt het risico, een langdurende depressie op oudere leeftijd verviervoudigt het risico, en als er al een milde cognitieve achteruitgang is, kan de progressie relatief snel verlopen.

 

De aanwezigheid van apathie wordt vaak geciteerd. Depressieve mensen verliezen alle interesse: ze bewegen veel minder, stimuleren hun hersenen niet meer, trekken zich terug uit sociale contacten en verzorgen zichzelf niet meer. En net deze dingen verhogen de kans op gezond ouder worden en de hersenen in vorm te houden tot op hoge leeftijd.
Een multivitaminekuur en fytotherapie kunnen een grote hulp zijn bij depressie.

 

Referenties:

Gallagher D et al. Depression and Risk of Alzheimer Dementia: A Longitudinal Analysis to Determine Predictors of Increased Risk among Older Adults with Depression. Am J Geriatr Psychiatry. 2018 Aug;26(8):819-827.
van Wanrooij LL et al. A network approach on the relation between apathy and depression symptoms with dementia and functional disability. Int Psychogeriatr. 2019 Feb 20:1-9.
Saczynski JS et al. Depressive symptoms and risk of dementia. The Framingham Heart Study. Neurology 2010 Jul 6; 75(1): 35–41.
Ownby RL et al. Depression and risk for Alzheimer disease: systematic review, meta-analysis, and metaregression analysis. Arch Gen Psychiatry. 2006 May;63(5):530-8.

 

 

Bron: ABC Gezondheid

off