Topsport consultant

Publicaties

Suppletieschema’s

Vitamine C verlaagt risico op borstkanker

vrijdag, januari 15, 2021 @ 02:01 PM

Vitamine CVrouwen die een supplement met vitamine C nemen, hebben 15% minder kans om te sterven door borstkanker. Dat hebben Zweedse onderzoekers berekend op basis van 10 studies met meer dan 17.000 vrouwen. Supplementen met vitamine C verminderen zelfs voortijdige sterfte (door eender welke oorzaak) met bijna 20%.

 

Een hoge inname van vitamine C uit voeding is nog steeds het beste. Per 100 mg vitamine C per dag wordt het risico op sterfte door borstkanker met 22% verminderd. Voor vele mensen is het echter lastig om de inname te verhogen van 100 mg (de huidige aanbeveling) naar bijvoorbeeld 200 mg. Dat vitamine C beschermt tegen kanker, is niet verwonderlijk. Het is een antioxidant die tegen vrije radicalen beschermt.

 

Referentie:
Harris HR, et al. Vitamin C and survival among women with breast cancer: A Meta-analysis. European Journal of Cancer. 14;50(7):1223-31.

 

Bron: ABC Gezondheid

off

Vitamine KVitamine K2 heeft een zeer brede werking over zowat het hele metabolisme: een krachtige antioxidant en anti-inflammatoire activiteit, maar tevens essentieel voor de activatie van vitamine K-afhankelijke enzymen (GLA-eiwitten) met zeer diverse, levensbelangrijke functies:

 

– Regeling van het calciummetabolisme, samen met vitamine D die vooral de opname bevordert, terwijl K2-proteïnes regelen waar calcium heen gaat. Bij voorkeur dus in de botten.
– K2 stimuleert bovendien de ‘osteoblasten’, de botvormende cellen: dubbele preventie van osteoporose!
– K2 belet dat calcium neerslaat in bloedvatwanden, wat arteriosclerose en hart- en vaatziekten voorkomt.
– K2 gaat ook calciumafzetting in gewrichten en zachte weefsels tegen. Dus preventief (en curatief?) voor reuma, mede door de ontstekingsremmende werking.
– Regulering van de bloedglucose, en hierdoor preventie van insulineresistentie en diabetes.
– Overvloedig aanwezig in hersenen en zenuwweefsel. Vitamine K2-tekorten verhoogt het risico op/versnelt neurodegeneratie (bv. MS), cognitieve veroudering, dementie, Alzheimer…
– Preventief én curatief tegen alle ontstekingsziektes, én kanker (tumoronderdrukkend effect).
– En recent aangetoond: sterk beschermend bij COVID-19.

 

Vitamine K2-supplementen zijn thans beschikbaar; ze zijn zeer veilig en hebben zelfs bij overdosering geen negatief effect.

 

Referenties:
Beulens JWJ et al. The role of menaquinones (vitamin K₂) in human health. Br J Nutr 2013 Oct;110(8):1357-68.
Aguayo-Ruiz JI et al. Effect of supplementation with vitamins D3 and K2 on undercarboxylated osteocalcin and insulin serum levels in patients with type 2 diabetes mellitus: a randomized, double-blind, clinical trial. Diabetol Metab Syndr 2020 Aug 18;12:73.
V D Myneni, E Mezey. Regulation of bone remodeling by vitamin K2. Oral Dis 2017 Nov;23(8):1021-1028.
Vissers LET et al. The relationship between vitamin K and peripheral arterial disease. Atherosclerosis 2016 Sep;252:15-20.
Halder M et al. Vitamin K: Double Bonds beyond Coagulation Insights into Differences between Vitamin K1 and K2 in Health and Disease. Int J Mol Sci 2019 Feb 19;20(4):896.

 

Bron: ABC Gezondheid

off

Vetzuren kindDe beschikbaarheid van voldoende gezonde vetzuren tijdens de vroege zwangerschap is essentieel voor de ontwikkeling van het kind. Een Nederlandse studie bevestigt dat een juiste vetzuurbalans het risico op gedragsproblemen op latere leeftijd verlaagt. De vraag of een invloed op het autonome zenuwstelsel daarbij betrokken is kon vooralsnog niet worden bevestigd.

 

Middels een groot aantal studies is de invloed van de voedingsstatus van de zwangere vrouw op de ontwikkeling van het kind onderzocht. Hierbij is vooral de nadruk gelegd op de rol van lange keten meervoudig onverzadigde vetzuren (PUFA’s), waaronder de omega 3-vetzuren eicosapentaeenzuur (EPA) en docosahexaeenzuur (DHA) en het omega 6-vetzuur arachidonzuur (AA).
Een goede omega 6/3-balans tijdens de zwangerschap lijkt van belang te zijn voor bijvoorbeeld een beter geheugen en leervermogen. Daarnaast zou ook de balans in het autonome zenuwstelsel van het kind beïnvloed kunnen worden door een goede vetzuursamenstelling.

 

Het autonome zenuwstelsel bestaat uit het sympatische-, of activerende, zenuwstelsel en het parasympatische zenuwstelsel dat met rust en de regulatie van de stofwisseling geassocieerd wordt. Een onbalans in het autonome zenuwstelsel is met name in verband gebracht met een veranderde hartfunctie en recent ook met een invloed op de cognitieve functie. Kinderen met ADHD die geen medicatie gebruiken hebben bijvoorbeeld een hogere hartslag dan kinderen zonder ADHD.

 

Het autonome zenuwstelsel zou de schakel kunnen zijn tussen de vetzuurstatus van de moeder en het cognitief functioneren van het kind. Nederlandse onderzoekers hebben daarom voor het eerst de effecten van de vetzuurstatus van de moeder op de gedragsontwikkeling én de balans in het autonome zenuwstelsel van hun kinderen onderzocht.

 

Beter gedrag op latere leeftijd

De geanalyseerde data waren afkomstig uit de Amsterdam Born Children and their Development (ABCD)-studie. De gegevens van 1717 moeders en hun kinderen werden bekeken. Gemiddeld 12,7 weken na conceptie, was de concentratie van verschillende vetzuren gemeten, waaronder DHA, AA en EPA. Ook werd de omega 6/3-ratio berekend. De kinderen werden op vijfjarige leeftijd onderzocht. Bij de analyse van het gedrag werd met name gelet op emotionele problemen, concentratieproblemen en hyperactiviteit.

 

Na correctie van een groot aantal beïnvloedende factoren, zoals het lichaamsgewicht, alcoholgebruik, rookgedrag en de leeftijd van de moeder, bleek dat de DHA- en EPA-status het sterkst geassocieerd zijn met het gedrag van het kind op latere leeftijd. Kinderen van moeders met een lagere omega 3-status vertoonden vaker emotionele problemen.
Er werd geen verband gevonden tussen de AA-status tijdens de zwangerschap en gedragsproblemen. Wel werd een verband gevonden tussen een ongunstigere verhouding tussen omega 6- en omega 3-PUFA’s bij de zwangere vrouw en emotionele problemen bij de kinderen.

 

De onderzoekers vonden geen verband tussen de vetzuurstatus van de moeder en concentratieproblemen of hyperactiviteit bij het kind.

 

De wetenschappers concluderen dat een goede vetzuurstatus essentieel is voor de hersenontwikkeling van het kind. Hoewel een hogere DHA-status in verband stond met een lagere hartfrequentie bij het kind, werden er geen sterke aanwijzingen gevonden dat de activiteit van het autonome zenuwstelsel een invloed heeft op het verband tussen de maternale omega 3-status en emotionele problemen bij het kind.

 

Omega 3- & 6-vetzuren voor goede ontwikkeling

Eerdere studies laten soortgelijke effecten zien. Epidemiologische studies tonen bijvoorbeeld aan dat er een verband bestaat tussen een hogere PUFA-status tijdens de zwangerschap en een beter geheugen en leervermogen bij het kind.
Bovendien laten klinische studies zien dat suppletie met PUFA’s tijdens de zwangerschap bij vrouwen met een lage PUFA-status resulteert in een verbeterde ontwikkeling van het zenuwstelsel en een vermindering van gedragsproblemen.

 

De prenatale omgeving, inclusief de beschikbaarheid van essentiële nutriënten, is van grote invloed op de ontwikkeling van het kind. PUFA’s hebben invloed op de gedragsontwikkeling van het kind op latere leeftijd en zouden daarom tijdens de zwangerschap in voldoende mate en in de juiste balans aanwezig moeten zijn.
Verschillende factoren kunnen de vetzuurstatus negatief beïnvloeden, waaronder leeftijd, hoge Body Mass Index (BMI) en alcoholconsumptie tijdens de zwangerschap.

 

Bij een tekort aan gunstige onverzadigde vetten in de voeding, zou suppletie met EPA, DHA en AA een aanbeveling kunnen zijn.

 

Referentie:

Vrijkotte TGM, Smeets J, de Rooij SR, Bosch JA. Maternal long-chain polyunsaturated fatty acid status during early pregnancy: Association with child behavioral problems and the role of autonomic nervous system activity. Clin Nutr. 2020 Nov 7:S0261-5614(20)30606-3.

 

Bron: Springfield Nutra

off

Co-enzym Q10 bij behandeling reuma

donderdag, januari 14, 2021 @ 03:01 PM

ReumaVoedingssupplementen met een gewrichtsbeschermende potentie vanwege anti-inflammatoire en anti-oxidatieve eigenschappen, zouden een toegevoegde waarde kunnen hebben bij de standaardbehandeling van reuma. Mogelijk zou dit kunnen leiden tot een beter verdraagbare behandeling. Een recente Iraanse studie laat zien dat suppletie met co-enzym Q10 hiervoor in aanmerking komt.

 

Reuma is een chronische systemische ontstekingsziekte waarbij vooral de kleine gewrichten zijn aangedaan. Geneesmiddelen die toegepast worden bij reuma kunnen ernstige bijwerkingen geven. Dit gaf aanleiding tot het onderzoeken van het toegevoegde effect van co-enzym Q10 bij de behandeling van patiënten met reuma [1].

 

De Iraanse onderzoekers hadden eerder al aangetoond dat suppletie met co-enzym Q10 bij reumapatiënten een afname geeft van de ontstekingsfactor TNF-alfa (tumornecrosefactor alfa) en van malondialdehyde (MDA), een marker voor oxidatieve stress [2].
TNF-alfa speelt een belangrijke rol bij de ziekteactiviteit van reuma.

 

Een ontstekingsgemedieerde toename van matrix-metallo-proteïnasen (MMP’s), m.n. MMP-1 en MMP-3, is cruciaal in de afbraak van gewrichtskraakbeen en bot. Onderdrukking van TNF-alfa zou de toename van MMP-3 kunnen remmen.

 

Aan de studie namen 54 patiënten deel die gemiddeld al 6,9 jaar reuma hadden. Een voorwaarde voor deelname aan het onderzoek was een matig-ernstige of ernstige ziekte-activiteit, gemeten met de DAS-28 (Disease activity score-28 joints). De gemiddelde leeftijd was ruim 49 jaar.

 

De patiënten kregen twee maanden lang 100 mg CoQ10 per dag of placebo naast hun gebruikelijke medicatie tegen reuma (methotrexaat, prednisolon, sulfasalazine, e.a.). Gemeten werden de effecten op de klinische status en serumspiegels van MMP-1
en MMP-3. De klinische status werd beoordeeld aan de hand van de ziekteactiviteit, gemeten met de DAS-28 en VAS-score (als onderdeel van de DAS-28). De VAS (visual analogue scale) meet de pijnintensiteit.

 

Klinische verbetering met additief co-enzym Q10

Aan het eind van de studie waren van 44 deelnemers alle data beschikbaar.
Zowel in de co-enzym Q10- als in de placebogroep was het aantal gezwollen gewrichten afgenomen ten opzichte van het begin van de studie.
In de co-enzym Q10-groep waren er ten opzichte van placebo significante verbeteringen opgetreden in het aantal gevoelige gewrichten en in de ziekteactiviteit (DAS-28) en pijnintensiteit (VAS-score).
Het verschil tussen de suppletie- en placebogroep was volgens de onderzoekers vooral “spectaculair” in de VAS-score (een verbetering van 89% versus 12%).
Ook het verschil in de DAS-28 was groot tussen beide groepen (een afname van 53% versus 17%).
Na twee maanden suppletie met co-enzym Q10 was de gemiddelde ziekteactiviteit (DAS-28) gedaald naar 2,34. Bij een waarde van 2,6 en lager is er sprake van remissie.
MMP-1 was in beide groepen evenveel afgenomen. MMP-3 nam echter significant toe in de placebo-groep, terwijl het iets afnam in de co-enzym Q10-groep.

 

Deze studie laat voor het eerst zien dat suppletie met co-enzym Q10 klinische verbetering kan geven bij reumapatiënten die al behandeld worden met medicijnen en van toegevoegde waarde kan zijn.

 

De afname van MMP-3, MDA en TNF-alfa na suppletie met co-enzym Q10 zou voor een deel het gunstige effect van co-enzym Q10 kunnen verklaren [1].

 

Referenties:

  1. Nachvak SM, Alipour B, Mahdavi AM, et al. Effects of coenzyme Q10 supplementation on matrix metalloproteinases and DAS-28 in patients with rheumatoid arthritis: a randomized, double-blind, placebo-controlled clinical trial. Clin Rheumatol. 2019 Dec;38(12):3367-3374.
  2. Abdollahzad H, Aghdashi MA, Asghari Jafarabadi M, et al. Effects of Coenzyme Q10 Supplementation on Inflammatory Cytokines (TNF-α, IL-6) and Oxidative Stress in Rheumatoid Arthritis Patients: A Randomized Controlled Trial. Arch Med Res. 2015 Oct;46(7):527-33.

 

Bron: Springfield Nutra

off

Inname van een supplement met glucosamine en chondroïtine blijkt geassocieerd te zijn met een verminderde kans op overlijden door hart- en vaatziekten. Twee recente grote studies laten dit verrassende bijeffect zien van suppletie met glucosamine/chondroïtine.

 

Glucosamine en chondroïtine worden gebruikt bij gewrichtsklachten, waaronder artrose en gewrichtspijn. Het zijn stoffen die van nature in kraakbeen voorkomen.

 

De uitkomsten van twee studies lieten ook een heel ander effect zien. Mensen die het supplement gebruikten, hadden 27% minder kans om te overlijden en in het bijzonder was er een 58% lagere kans om te overlijden aan hart- en vaatziekten.

 

Ontstekingsremming de oorzaak?

De data waren verkregen uit The National Health and Nutrition Examinition Survey (NHANES). De gegevens van 16.686 volwassenen vanaf 40 jaar werden bekeken. Mensen die gedurende minimaal een jaar een supplement met glucosamine en chondroïtine hadden gebruikt, werden aangemerkt als supplementgebruikers. Deelnemers die het supplement korter dan een jaar gebruikten, werden meegeteld in de groep mensen die geen glucosamine/chondroïtine supplement gebruikten.

 

Bij de analyse werd gecorrigeerd voor een groot aantal beïnvloedende factoren, zoals leeftijd, lichaamsgewicht, rookgedrag, lichamelijke activiteit en etnische achtergrond.
De deelnemers werden gemiddeld 107 maanden gevolgd.

 

Van alle deelnemers gebruikten 658 mensen een glucosamine/chondroïtine-supplement (3.94%). Mensen die het supplement gebruikten waren vaker ouder, rookten niet en hadden meer lichaamsbeweging dan mensen die het supplement niet gebruikten.

 

Gedurende de follow-up overleden er 3366 mensen van wie 694 aan hart- en vaatziekten. Na correctie van de beïnvloedende factoren bleek dat de mensen die glucosamine en chondroïtine hadden gebruikt een significant lagere kans hadden om te overlijden, en in het bijzonder om te overlijden aan hart- en vaatziekten.

 

De wetenschappers concluderen dat er een sterk verband bestaat tussen het gebruik van glucosamine en chondroïtine en een verminderde kans op overlijden.
De resultaten zijn in lijn met twee andere, recent uitgevoerde epidemiologische studies in Amerika en het Verenigd Koninkrijk.

 

Hoe het effect tot stand komt is nog onduidelijk. De onderzoekers vermoeden dat een effect van glucosamine en chondroïtine op ontsteking en ontstekingsmediatoren, zoals cytokinen, een rol kan spelen.

 

Gerandomiseerd onderzoek liet zien dat mensen die het supplement gebruikten 23% minder van de ontstekingsmarker C-reactief proteïne (CRP) in hun bloed hadden, dan mensen die geen glucosamine/chondroïtine gebruikt hadden.

 

Vervolgonderzoek moet hier meer duidelijk over geven.

 

Referentie:

King DE, Xiang J. Glucosamine/Chondroitin and Mortality in a US NHANES Cohort. J Am Board Fam Med. 2020 Nov-Dec;33(6):842-847.

 

Bron: Springfield Nutra

off

Kiwi tegen constipatie

donderdag, januari 14, 2021 @ 02:01 PM

KiwiHet eten van kiwi’s verhoogt de frequentie en het volume van de ontlasting. Volgens wetenschappers dankt kiwi zijn laxerend effect aan zijn inwerking op de textuur van de stoelgang. Kiwi is een van de meest voedingsrijke fruitsoorten, rijk aan vitamine C, vitamine E en vezels. Kiwivezels zwellen enorm op wanneer ze water opnemen.

 

Er zijn verschillende soorten laxeermiddelen ter beschikking bij de apotheek en er heerst veel onduidelijkheid welke je nu moet nemen. Constipatielijders verkiezen niettemin een natuurlijk voedingsproduct boven medicamenten.

 

Referentie:
Rush EC, Patel M et al. Kiwifruit promotes laxation in the elderly. Asia Pacific J Clin Nutr. 02; 11:164-168

 

Bron: ABC Gezondheid

off

VetpercentageVolgens een studie van de Amerikaanse Mayo Clinic heeft meer dan de helft van de Amerikaanse bevolking met een normaal lichaamsgewicht toch enorme gezondheidsrisico’s. De cijfers op de weegschaal mogen dan wel goed lijken, indien de spiermassa te beperkt is en het vetgehalte te hoog (20 procent voor mannen en 30 procent voor vrouwen), ontstaat er een even gevaarlijke toestand als bij mensen die aan obesitas lijden. Concreet betekent dit dat deze gezond ogende mannen en vrouwen een bijna even groot riciso hebben om diabetespatiënt te worden of plots een hartaanval te krijgen.

 

Het probleem bij dergelijke personen bestaat er in dat het metabolisme niet perfect is afgesteld en dat ze lijden onder een bijna onzichtbare vorm van het syndroom X. Enkel een degelijke spieropbouw, met behoud van het correcte lichaamsgewicht is hier een oplossing. De onderzoekers van de Mayo Clinic hebben becijferd dat 61 procent van de gezond ogende Amerikanen teveel lichaamsvet en te weinig spieren hebben om echt gezond te zijn.

 

Referentie:
Clement K, Langin D. Regulation of inflammation-related genes in human adipose tissue. J Intern Med. 07 10;262(4):422-30

 

Bron: ABC Gezondheid

off

Vijf natuurlijke pijnstillers

zondag, januari 10, 2021 @ 05:01 PM

PijstillersVele mensen nemen te goeder trouw ibuprofen tegen de pijn, maar beseffen niet welke vervelende bijwerkingen ze uitlokken. Ze beschadigen de maagwand en lever, en brengen een verhoogd cardiovasculair risico met zich mee. Hieronder staan vijf populaire en natuurlijke pijnstillers/ontstekingsremmers beschreven die weinig of geen bijwerkingen hebben.

 

1. In India haalt men uit hars van de wierookboom (boswellia serrata) een extract dat gewrichtsontstekingen en astma kan behandelen. Boswellia wordt vaak genomen samen met kurkuma (geelwortel), dat curcumine als actieve stof bevat.
2. Een zalf waarin de pikante stof uit peper verwerkt is (capsaïne), kan spierpijn en gewrichtsklachten verlichten.
3. Cat’s claw (Uncaria tomentosa) is een ontstekingsremmer uit Zuid-Amerika. Let op: een te hoge dosis kan diarree veroorzaken.
4. Omega-3-vetzuren DHA (Docosahexaeenzuur) en EPA (Eicosapentaeenzuur) zijn een must wanneer chronische ontstekingen aangepakt moeten worden. Bewezen werking bij artrose en reuma.
5. Vroeger kauwden mensen op wilgenbast, waarin een pijnstiller gelijkaardig aan aspirine zit. In tegenstelling tot aspirine is het extract van wilgenbast minder irritant voor de maag.

 

Referentie:
Marie Pirotta. Arthritis disease. The use of complementary therapies. Australian Family Physician. 39 (9)
Edwards T. Inflammation, pain, and chronic disease: an integrative approach to treatment and prevention. Altern Ther Health Med. 05 11-12;11(6):20-7. La Revue Prescrire. AINS: néphrotoxicité chez des adultes jeunes en bonne santé. Aôut 2019 ; 39 (430)

 

Bron: ABC Gezondheid

off

KoolsoortenCardiovasculaire ziekten zijn een van de belangrijkste doodsoorzaken in de moderne wereld, jaarlijks sterven er in Nederland ca. 38.000 mensen aan. Nochtans kan een groot deel daarvan voorkomen worden met een betere eet- en leefstijl, met ongezonde voeding als grootste verantwoordelijke (65,5%!).

 

Natuurlijk: meer groenten en fruit eten is één van de belangrijke punten, maar nu blijkt dat koolsoorten hier wel een heel speciale plaats innemen. Uit Australisch onderzoek blijkt namelijk dat de hoeveelheid ‘Crucifere groenten’ (kruisbloemigen – Brassicaceae) die je eet een belangrijke rol speelt: 45 gram koolsoorten/dag verlaagt het risico op aortaverkalking (maat voor de ernst van arteriosclerose) met 46%, ten opzichte van wie gemiddeld minder dan 15 gram/dag ervan eet.
De onderzoekers ontdekten nu ook waarom: deze groenten zijn zeer rijk aan vitamine K, dat kalkafzetting in bloedvatwanden voorkomt.

 

Denk aan: bloemkool, broccoli, spruitjes en andere kolen, maar ook: water-/tuinkers, raapjes, radijs, rucola,… En een vitamine K2-supplement, zeker voor ouderen.

 

Referentie:
Blekkenhorst LC et al. Cruciferous vegetable intake is inversely associated with extensive abdominal aortic calcification in elderly women: a cross-sectional study. Cambridge University Press: 17 July 2020 DOI: https://doi.org/10.1017/S0007114520002706

 

Bron: ABC Gezondheid

off

Hoeveel magnesium hebben we dagelijks nodig?

zondag, januari 10, 2021 @ 05:01 PM

MagnesiumMagnesium is een mineraal dat mee verantwoordelijk is voor de signaaloverdracht tussen de menselijke hersencellen. Men kan het beschouwen als brandstof voor onze hersenen. Hoe meer stress mensen dagelijks moeten ondergaan, hoe meer magnesium er verbruikt wordt en hoe groter de tekorten zijn die ontstaan. Studies hebben aangetoond dat mensen vanaf hun 15de levensjaar over te weinig magnesium beschikken. Dit is vooral toe te schrijven aan onze levensstijl. De behoefte aan magnesium verschilt ook sterk per persoon.

 

Artsen geven aan dat een vrouw gemiddeld 350 milligram magnesium per dag nodig heeft. Voor een man ligt dit cijfer op 420 milligram, een zwangere vrouw zou over 400 milligram magnesium per etmaal moeten beschikken, zeker gedurende de drie laatste maanden van de zwangerschap. Iedereen kan trouwens heel gemakkelijk zijn magnesiumdosis per dag berekenen. Vermeningvuldig uw gewicht in kilogram maal zes en u bekomt het aantal milligram magnesium dat u per 24 uur nodig heeft om gezond te kunnen functioneren.

 

Referenties:
Wolf FI, Trapani V, Simonacci M, Ferré S, Maier JA. Magnesium deficiency and endothelial dysfunction: is oxidative stress involved? Magnes Res. 08 03;21(1):58-64.
Srinutta T et al. Proton pump inhibitors and hypomagnesemia: A meta-analysis of observational studies. Medicine (Baltimore). 2019 Nov;98(44):e17788.

 

Bron: ABC Gezondheid

off