You are currently browsing the Blog : Sport en voedings supplementen advies door Wouter de Jong blog archives for december, 2018.

Archive for december, 2018

GlutenHet gebruik van een glutenarme voeding door mensen die niet lijden aan coeliakie is momenteel erg populair. Wat precies de gevolgen hiervan zijn voor onder meer het microbioom, de darmpermeabiliteit, verzadigingsgevoel en het lichaamsgewicht was tot nog toe onduidelijk. In een recente Deense studie werden deze gevolgen grondig bestudeerd.

 

In deze gerandomiseerde, gecontroleerde, cross-over studie werden 60 deense volwassenen van middelbare leeftijd geïncludeerd. Ze kregen eerst gedurende acht weken glutenarme voeding (2 gram per dag) en vervolgens gedurende acht weken glutenrijke voeding (18 gram per dag). Tussen deze twee periodes in werd een washout-periode van minimaal zes weken ingelast waarin ze hun gewoonlijke hoeveelheid gluten innamen (12 gram per dag).

 

De onderzoekers concluderen dat glutenarme voeding specifieke veranderingen in het darmmicrobioom veroorzaakt, zoals een vermindering van alle Bifidobacterium-soorten en minder gasproductie (H2-gas). Het consumeren van glutenarme voeding resulteerde in een klein gewichtsverlies en toename van plasmapeptide YY, een peptide dat verzadiging tot gevolg heeft. Verder werd geen significant effect op glucose- en vetmetabolisme, levermetabolisme en verzadigingshormonen vastgesteld. Er waren ook geen gevolgen voor de darmpermeabiliteit of de darmpassagetijd. De invloed op het immuunsysteem van gezonde volwassenen is beperkt.

 

Het effect van een glutenarm dieet bij gezonde volwassenen wordt mogelijk hoofdzakelijk veroorzaakt door de kwalitatieve veranderingen van complexe koolhydraten (vezels) in de voeding en niet zozeer door de vermindering van de gluteninname. Dat betekent dat het wijzigen van het type voedingsvezel wellicht de oplossing kan zijn voor het verminderen van gasvorming en opgeblazen gevoel. De onderzoekers vonden geen nadelige effecten van het volgen van een glutenarme voeding voor wat betreft voedingswaarde en inname van voedingsvezels.

 

Referentie:
Hansen, Lea BS, et al. (2018). A low-gluten diet induces changes in the intestinal microbiome of healthy Danish adults. Nature communications, 9(1), 4630.

 

Bron: https://www.voedingsgeneeskunde.nl/node/3954

off

Vitamine B12 tekortEen kleine dosis van 50 µg per dag is even goed als een grote dosis van 2000 µg per week om de vitamine B12-status op te krikken. Dat hebben Italiaanse onderzoekers vastgesteld bij 40 veganisten en vegetariërs die er een niet-ernstig (marginaal) tekort aan hadden. Ze dienden de supplementen sublinguaal in te nemen. De grote dosis zorgde voor een hogere vitamine B12-concentratie in het bloed, maar andere markers kenden eenzelfde gunstig verloop.
 

Vegetariërs en vooral veganisten hebben een reëel risico op tekort, omdat plantaardige voeding geen B12 bevat. Opname van vitamine B12 hangt af van vele factoren, vandaar dat vele andere volwassenen, in het bijzondere ouderen, ook risico lopen. Een hoge eenmalig dosis kan het complexe opname-apparaat omzeilen, maar is erg inefficiënt. Van een dosis van 1000 µg wordt 1,3% opgenomen, vergeleken met 56% uit een dosis van 1 µg.

 

De wekelijkse dosis van 2000 µg leidde tot een significant hogere vitamine B12-status, maar het MMA- en homocysteïneniveau toonden geen meetbare verschillen met de dagelijkse dosis van 50 µg (350 µg per week). Een te hoge waarde voor MMA is een teken dat een vitamine B12-afhankelijk enzym niet optimaal werkt.

 

In geval van homocysteïne zijn nog andere factoren betrokken, zoals foliumzuur, al hadden de meeste deelnemers van deze studie geen foliumzuurtekort. Dat het homocysteïneniveau aanvankelijk net iets te hoog was en dat het niveau daalde na suppletie, is een teken dat de deelnemers inderdaad een vitamine B12-gebrek hadden.

 

Referentie:
Del Bo’ C, Riso P, Gardana C et al. Effect of two different sublingual dosages of vitamin B12 on cobalamin nutritional status in vegans and vegetarians with a marginal deficiency: A randomized controlled trial. Clin Nutr. 2018 Feb 15. pii: S0261-5614(18)30071-2

 

Bron: https://www.voedingsgeneeskunde.nl/node/3952

off

Minder stress met curcumine

vrijdag, december 28, 2018 @ 03:12 PM

CurcumaInname van een gepatenteerd supplement op basis van curcumine en fenegriek helpt werkgerelateerde stress te verminderen.

 

Aan de studie namen 60 personen deel die last hadden van stress, angst en vermoeidheid als gevolg van hun werk. Ze werden willekeurig in groepen verdeeld en kregen gedurende dertig dagen het gepatenteerde supplement bestaande uit een biologisch goed opneembare vorm van curcumine (curcumagalactomannoside) in combinatie met fenegriek, een normaal curcuminesupplement met een geringere biologische beschikbaarheid of een placebo. Voor en na de suppletieperiode werden bij de deelnemers stressklachten geïnventariseerd aan de hand van diverse gevalideerde vragenlijsten.

 

In vergelijking met het normale curcuminesupplement leidde suppletie met het gepatenteerde supplement tot een significante afname van werkgerelateerde stressklachten. Suppletie leidde bovendien tot een verbetering van biomarkers voor stress. Zo was er sprake van een significante toename van antioxidanten (glutathion met 77%, glutathionperoxidase met 70% en superoxidedismutase met 60%) en een significante afname van vetzuurperoxidatie met 54%. De vermindering van stressklachten onder invloed van het gepatenteerde supplement ging gepaard met een verbetering van de kwaliteit van leven.

 

Een goed opneembaar curmuminesupplement met fenegriek lijkt effectief werkstress te kunnen verminderen.

 

Referentie:
Pandaran Sudheeran S, Jacob D, [..], Im K. Safety, Tolerance, and Enhanced Efficacy of a Bioavailable Formulation of Curcumin With Fenugreek Dietary Fiber on Occupational Stress: A Randomized, Double-Blind, Placebo-Controlled Pilot Study. J Clin Psychopharmacol 2016; 36(3):236-43

 

Bron: Ortho.nl

off

BewegingAls je een hoge bloeddruk hebt, is het effect van lichaamsbeweging net zo groot als het effect van bloeddrukverlagende medicatie. Zeker de combinatie van duur- en krachttraining kan de bloeddruk flink verlagen. Dat schrijven Engelse en Amerikaanse wetenschappers in de British Journal of Sports Medicine. Ze verzamelden 391 eerder verschenen trials, aggregeerden de uitkomsten van de studies, en analyseerden die opnieuw.

 

Studie

 

Lees meer…

off

TaurineSuppletie met taurine vergroot het uithoudingsvermogen van duursporters. Dat concluderen sportwetenschappers, verbonden aan St Mary’s University in Londen, in een metastudie die is verschenen in Sports Medicine. Een eenmalige dosis van 1 gram taurine, ingenomen voor een training of wedstrijd, werkt net zo goed als hogere doses die sporters over een langere periode innemen.

 

Studie

 

Lees meer…

off

Extra voordelen van ginkgo bij tinnitus

vrijdag, december 21, 2018 @ 12:12 PM

Ginkgo bilobaGinkgo biloba is even doeltreffend als pentoxifylline om tinnitus te onderdrukken, maar biedt meerwaarde als het gaat om vermindering van psychologische symptomen. Dat besluiten Tsjechische onderzoekers op basis van een klinische studie waarin 100 patiënten ginkgo biloba en 100 patiënten pentoxifylline namen. De studie draagt bij tot meer inzicht in het psychologische aspect van tinnitus.

 

Tinnitus kan verschillende oorzaken hebben. Behandeling met ginkgo biloba of pentoxifylline is gericht op verbetering van de doorbloeding in de oren. Hoe een patiënt persoonlijk met zijn tinnitus omgaat, bepaalt mee de impact op levenskwaliteit. Voor sommige mensen is tinnitus niet draaglijk en draagt het bij tot een hogere psychologische stress.

 

Zowel ginkgo biloba als pentoxifylline verminderen de score voor angst volgens een vragenlijst voor angst en depressie. Ginkgo lijkt beter te werken, want het aantal klinische gevallen met angststoornis daalde van 34 naar 22 gevallen. Bij pentoxifylline was die daling minder sterk. In de ginkgo-groep ondervonden patiënten met de hoogste score voor depressie de sterkste daling in tinnitussymptomen. De ginkgo-groep kampte bovendien met beduidend minder bijwerkingen.

 

Referentie:
Procházková K, Šejna I, Skutil J, Hahn A. Ginkgo biloba extract EGb 761® versus pentoxifylline in chronic tinnitus: a randomized, double-blind clinical trial. Int J Clin Pharm. 2018 Oct;40(5):1335-1341

 

Bron: https://www.voedingsgeneeskunde.nl/node/3929

off

probioticaEen probioticakuur van acht weken vermindert depressie significant bij patiënten die aan majeure depressie lijden en daartegen medicatie nemen. Een supplement met prebiotica slaagde daar niet in. Iraanse onderzoekers vonden dit resultaat bij 81 patiënten die ofwel een supplement met Lactobacillus helveticus en Bifidobacteruim longum, ofwel een supplement met galacto-oligosacchariden, ofwel een placebo namen. De onderzoekers keken ook naar het verloop van kyrurenine, tryptofaan en ‘vertakte aminozuren’ in het serum.

 

Volgens de onderzoekers is dit de derde klinische studie die probiotica uittest bij depressie. Als klinische uitkomst werd de Beck-score (BDI) gebruikt, en die daalde van 18 naar 9 punten in de probioticagroep.

 

Een andere uitkomst was de toename van de tryptofaan-kyrurenine-verhouding, die enkel in de groep die probiotica nam optrad. Tryptofaan is het aminozuur dat het lichaam gebruikt om serotonine aan te maken, maar kan ook gebruikt worden voor de aanmaak van kyrurenine, via een ‘ontstekingspathway’. Een daling van die verhouding betekent dat meer tryptofaan beschikbaar is voor de aanmaak van serotonine.

 

Serotonine komt in de hersenen terecht via hetzelfde transportsysteem als die voor de ‘vertakte aminozuren’ (Eng.: BCAA’s). Hoe meer vertakte aminozuren in het serum aanwezig zijn, hoe meer ze de opname van serotonine naar de hersenen kunnen verhinderen. Deze studie rapporteerde geen stijging van de tryptofaan-BCAA-verhouding, maar wel van de tryptofaan-isoleucine-verhouding. Isoleucine is het vertakte aminozuur waarvan de serumconcentratie het sterkst gerelateerd is met depressiviteit.

 

Referentie:
Kazemi A, Noorbala AA, Azam K et al. Effect of probiotic and prebiotic vs placebo on psychological outcomes in patients with major depressive disorder: A randomized clinical trial. Clin Nutr. 2018 Apr 24. pii: S0261-5614(18)30161-4

 

Bron: https://www.voedingsgeneeskunde.nl/node/3930

off

Scheurbuik nog steeds actueel

donderdag, december 20, 2018 @ 02:12 PM

scheurbuikEen groot Amerikaans ziekenhuis vond 32 gevallen van scheurbuik bij kinderen over de laatste vijf jaar. De meeste kinderen hadden een andere aandoening die aan de basis van het extreme vitamine C-tekort lag. Snelle herkenning van scheurbuik bij kinderen is cruciaal, opdat niet nodeloos veel tijd verloren gaat naar het zoeken van een diagnose. Soms hebben ze al een beender(merg)biopsie ondergaan. Ook Europese ziekenhuizen maken melding van scheurbuik.

 

Mensen zijn een van de weinige zoogdieren die geen vitamine C kunnen aanmaken en dat speelt ons parten, zelfs in landen waar er geen gebrek aan voedsel is. In de westerse pediatrie is scheurbuik zeldzaam, maar niet onbestaand, zo blijkt uit recente meldingen van Amerikaanse en Europese ziekenhuizen.

 

Een aantal van de 32 gevallen van het Amerkaanse ziekenhuis betrof kinderen met autisme met een selectieve voorkeur voor bepaald voedsel. Ook kinderen met ijzeroverlast, bijvoorbeeld door herhaaldelijke bloedtransfusies of door sikkelcelanemie, lopen risico. Het rapport telde 20 kinderen met scheurbuik die ijzeroverlast hadden en vier kinderen die neurologische problemen hadden (zoals autisme). De drie overige kinderen ondergingen een beenmergtransplantatie.

 

Italiaanse artsen hebben onlangs nog drie gevallen van scheurbuik beschreven bij neurologisch normale kinderen van 2 tot 6. De drie kinderen volgden een extreem selectief dieet, zoals ‘enkel koekjes en melk’ of ‘niets van groenten of fruit’. De kinderen hadden last van pijn in de benen en weigerden om te wandelen. Een van de drie kinderen was obees, de twee anderen hadden ondergewicht.

 

Radiografie of MRI is niet essentieel, maar kan natuurlijk wel de diagnose ondersteunen. Daarvoor moet de arts tekenen van scheurbuik op de beelden kunnen herkennen, en dat is niet altijd het geval. Normaal is een eenvoudige bloedtest voldoende, maar jammer genoeg gaat er bijna altijd een lang verblijf in het ziekenhuis aan vooraf met onnodige, soms invasieve tests.

 

Referenties:

Ceglie G, Macchiarulo G, Marchili MR et al. Scurvy: still a threat in the well-fed first world? Arch Dis Child. 2018 Aug 7. pii: archdischild-2018-315496

Golriz F, Donnelly LF, Devaraj S, Krishnamurthy R. Modern American scurvy – experience with vitamin C deficiency at a large children’s hospital. Pediatr Radiol. 2017 Feb;47(2):214-220

 

Bron:
https://www.voedingsgeneeskunde.nl/node/3928

off

vitaminesPatiënten blijken sneller te herstellen van ernstige brandwonden en minder complicaties te ontwikkelen als hun behandeling ook suppletie met belangrijke micronutriënten omvat. Zonder aanvullende vitaminen en mineralen hebben zij een bijna tienvoudig verhoogd risico op wondinfectie en sepsis en duurt hun ziekenhuisopname aanzienlijk langer. Taiwanese wetenschappers concluderen dit na onderzoek onder een groep slachtoffers van een brand.

 

In juni 2015 kwamen 15 mensen om het leven bij de explosie van een brandbare kleurstof tijdens een dansfeest in attractiepark Formosa Fun Coast Water Park in New Taipei City, Taiwan. Daarnaast liepen 499 mensen, meest twintigers, ernstige brandwonden op. Van hen namen er 61 deel aan het onderzoek, dat werd uitgevoerd gedurende de eerste twee weken van verblijf in het ziekenhuis. Hun brandwonden strekten zich uit over de gehele huiddikte en besloegen 20% of meer van het gehele lichaamsoppervlak (total body surface area – TBSA). Zij kregen allen dezelfde behandeling, maar 30 van hen kregen aanvullend voedingssupplementen en de 31 anderen niet. De suppletie bestond uit dagelijkse toediening van de vitaminen A, B1, B6, B12, C, D, E en van de mineralen calcium en magnesium.

 

De verschillen in behandelresultaten waren groot. In de supplementgroep lag het percentage wondinfecties op 30%, maar in de controlegroep op 77,4%. Sepsis, de heftige en levensbedreigende reactie op infectie, deed zich voor bij 13,3% van degenen die de suppletie kregen. Bij degenen in de controlegroep was dat met 41,95 veel hoger. Ook het aantal benodigde dagen ziekenhuisopname liep sterk uiteen, namelijk respectievelijk 51,80 en 76,81 dagen.

 

Ernstige brandwonden veroorzaken een heftig verlopende fysieke stress, die de behoefte aan voedingsstoffen sterk doet toenemen. De onderzoekers concluderen dat, gezien de gunstige resultaten, overwogen moet worden om suppletie van vitaminen en mineralen aan de gangbare behandeling toe te voegen.

 

Referentie:
Chen LR, Yang BS, Chang CN, Yu CM, Chen KH. Additional Vitamin and Mineral Support for Patients with Severe Burns: A Nationwide Experience from a Catastrophic Color-Dust Explosion Event in Taiwan. Nutrients. 2018 Nov 16;10(11). https://www.mdpi.com/2072-6643/10/11/1782/htm

 

Bron:
https://www.voedingsgeneeskunde.nl/node/3908

off

Minder kans op dementie door omega-3 DHA

dinsdag, december 18, 2018 @ 06:12 PM

DHAWetenschappers hebben het verband onderzocht tussen de concentratie van het omega-3 vetzuur DHA in het bloed en het ontstaan van dementie en de ziekte van Alzheimer. Dergelijk onderzoek is belangrijk omdat neurologen een verviervoudiging van het aantal dementiegevallen voorspellen tegen het jaar 2050. Preventie is dus meer dan noodzakelijk.

Tijdens de klinische studie werden 899 mannen en vrouwen gedurende negen jaar gevolgd. De startleeftijd bedroeg 76 jaar. Op dat ogenblik leed niemand van de deelnemers aan enige vorm van dementie. Alle vrijwillige proefpersonen ondergingen neuropsychologische testen en werden voor het begon van de studie ook onderworpen aan een ver doorgedreven bloedonderzoek.

 

Men wilde vooral weten hoeveel DHA (Docosahexaeenzuur) er in de bloedsomloop van iedere man of vrouw aanwezig was. Vervolgens namen de deelnemers iedere twee jaar terug deel aan dezelfde testen. In die negen jaar kregen 99 mensen af te rekenen met dementie. 71 onder hen werden Alzheimerpatiënt.
Mannen en vrouwen met de hoogste DHA waarden in hun bloed bleken op hun 85ste levensjaar 47 procent minder last te hebben van dementie.

 

Referenties:

Ernst J. Schaefer, MD; Vanina Bongard, MD, PhD; Alexa S. Beiser, PhD; Stefania Lamon-Fava, MD, PhD; Sander J. Robins, MD; Rhoda Au, PhD; Katherine L. Tucker, PhD; David J. Kyle, PhD; Peter W. F. Wilson, MD; Philip A. Wolf, MD. – Plasma. Hosphatidylcholine Docosahexaenoic Acid Content and Risk of Dementia and Alzheimer Disease. Arch Neurol. 06;63:1545-1550.
Green KN, Martinez-Coria H, Khashwji H, Hall EB, Yurko-Mauro KA, Ellis L, LaFerla FM.
Dietary docosahexaenoic acid and docosapentaenoic acid ameliorate amyloid-beta and tau pathology via a mechanism involving presenilin 1 levels. J Neurosci. 07 Apr 18;27(16):4385-95.

 
Bron: ABC Gezondheid

off